In een tijd van stijgende leefkosten, met name in de zorgsector en op het energiedomein, zijn subsidies en toeslagen van groot belang voor huishoudens met een beperkt budget. De zorgtoeslag en energietoeslag zijn daarbij twee vormen van ondersteuning die kunnen helpen om respectievelijk zorgkosten en energiekosten draaglijk te maken. Deze toeslagen worden verleend aan huishoudens die aan bepaalde inkomens- en woningcriteria voldoen.
In deze artikel zullen we de zorgtoeslag en energietoeslag in detail toelichten, inclusief de toepassingsvoorwaarden, beperkingen en praktische stappen voor aanvragers. We richten ons hierbij specifiek op huishoudens met een laag inkomen, en geven een overzicht van de regels die van toepassing zijn op zowel individuen als gezinnen.
Wat zijn de zorgtoeslag en energietoeslag?
De zorgtoeslag is een vorm van financiële ondersteuning voor mensen met een laag inkomen die moeite hebben met het betalen van hun zorgverzekeringspremie. Deze toeslag helpt bij het dekken van een deel van de zorgverzekering, waardoor mensen niet in het donker hoeven te lopen in de zorgsector.
De energietoeslag is daarentegen gericht op huishoudens met een laag inkomen die een relatief hoge energierekening betalen. Deze toeslag is bedoeld om te voorkomen dat mensen hun huishouden niet kunnen onderhouden door hoge energiekosten.
Beide toeslagen vallen onder de categorie van categoriele bijzondere bijstand, wat inhoudt dat zij worden verleend aan huishoudens die aan bepaalde voorwaarden voldoen, zoals een beperkt inkomen en het wonen in Nederland.
Doelgroepen
De energietoeslag en zorgtoeslag zijn bedoeld voor huishoudens met een laag inkomen. Voor de energietoeslag geldt een inkomensgrens van maximaal 200% van het sociaal minimum, wat vertaalt naar een bruto maandinkomen van maximaal €3.400 (alleenstaande) of €4.740 (samenwonend). Deze grens is inclusief 8% vakantiegeld.
Voor de zorgtoeslag gelden soortgelijke inkomensgrenzen, die worden bepaald op basis van de regels in de Wet Woningtoeslag en Wet Zorgverzekeringswet. Beide toeslagen worden echter ook verleend aan personen die in aanmerking komen voor bijzondere bijstand, zoals uitkeringen van de UWV of SVB (Staatssecretariaat voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport).
Voor huishoudens met een eigen onderneming zijn er aanvullende regels. In dat geval moeten de inkomsten aannemelijk gemaakt worden op basis van de aangifte omzetbelasting van de drie maanden of het kwartaal voorafgaand aan de peildatum.
Uitsluitingsgronden
Beide toeslagen zijn beperkt tot huishoudens die woonachtig zijn en rechtmatig verblijven in Nederland. Daarnaast gelden uitsluitingsgronden, zoals het feit dat het huishouden geen recht heeft op een zorgverzekeringspremie of energierekening. Huishoudens die zijn toegelaten tot schuldhulpverlening in een minnelijke schuldregeling, zoals bij de Kredietbank Limburg of een schuldregeling op grond van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen, komen wel in aanmerking, omdat zij slechts het ‘vrij te laten bedrag’ te besteden hebben.
Het is belangrijk om te weten dat bepaalde toeslagen, zoals huur-, zorg- en kinderopvangtoeslag, niet worden meegerekend als inkomen bij het bepalen van de toegang tot de energietoeslag. Dit geldt ook voor speciale regelingen op basis van de corona-(steun)maatregelen, zoals de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) voor ondernemers en de zorgbonus voor zorgpersoneel.
Een huishouden dat geen of nauwelijks vermogen heeft, wordt bij de energietoeslag niet beoordeeld op basis van vermogenstoets. Dit maakt het proces transparanter en sneller voor de aanvrager.
Toepassing op inkomensgrens
De energietoeslag is beperkt tot huishoudens met een inkomensgrens van 120% van de toepasselijke bijstandsnorm. Deze grens sluit aan bij het lokale minimabele policy, wat betekent dat deze regel een brede steun heeft binnen de overheid. Huishoudens die net boven deze inkomensgrens zitten, komen niet in aanmerking voor de toeslag. Dit kan tot gevolg hebben dat er een groot verschil is tussen huishoudens die wel en niet in aanmerking komen voor de tegemoetkoming.
Voor de energietoeslag van €1.300 geldt dat huishoudens die net boven deze inkomensgrens zitten, niet rechthebbenden zijn. Dit betekent dat er geen uitzonderingen gemaakt kunnen worden om het verschil kleiner te maken tussen rechthebbenden en net-niet-rechthebbenden. De regeling moet helder en uitvoerbaar blijven.
Niet-rechthebbenden kunnen echter wel in vergelijkbare mate te maken hebben met energiearmoede, wat betekent dat individuele maatregelen of bijzondere bijstand voor deze groepen mogelijk zijn.
Aanvraagproces
Het aanvragen van energietoeslag is een gestructureerd proces dat via de Dienst Toeslagen verloopt. De kerntaak van de Dienst Toeslagen is het beoordelen van aanvragen voor toeslagen, wat gebeurt volgens de wettelijke regels. De aanvragen worden beoordeeld op basis van het inkomen, de woning en de energiekosten van het huishouden.
Voor het aanvragen van energietoeslag zijn enkele vereisten:
- Een e-mailadres en telefoonnummer
- Alle personen boven de 18 met een inkomen zijn in de buurt
- Alle personen uit het huishouden loggen in met hun eigen DigiD
- Een DigiD-account met sms-controle
- Energierekening(en) op naam van een persoon uit het huishouden
- Het bedrag dat je vorige maand betaalde aan energie
- Het klantnummer of administratienummer van de organisatie waar je je energierekening betaalt
Het is belangrijk om voldoende tijd in te voorzien voor het aanvraagproces. Het aanvragen van energietoeslag is niet moeilijk, maar wel vereist het het hebben van de juiste gegevens en personen bij de hand. Een DigiD is verplicht, en het aanvragen kan enige tijd duren.
Praktijkvoorbeelden
Voor een duidelijk beeld van de toepassing van de energietoeslag, zijn er rekenvoorbeelden beschikbaar.
- Een alleenstaande persoon met een bruto maandinkomen van €1.750 heeft recht op energietoeslag als zijn maandelijkse energiekosten minstens €140 bedragen.
- Een samenwonend huishouden met een bruto maandinkomen van €3.550 heeft recht op energietoeslag als de maandelijkse energiekosten minstens €355 zijn.
Deze voorbeelden tonen aan dat de energietoeslag afhankelijk is van zowel het inkomensniveau als de hoogte van de energiekosten. Het maakt niet uit welke energieleverancier het huishouden heeft.
Beperkingen en uitzonderingen
Hoewel de energietoeslag bedoeld is om mensen te ondersteunen, zijn er beperkingen. Het recht op de energietoeslag is bijvoorbeeld beperkt tot Nederlanders en gelijkgestelde personen die woonachtig zijn en rechtmatig verblijven in Nederland. Personen die niet aan deze voorwaarden voldoen, kunnen geen aanspraak maken op de toeslag.
Daarnaast gelden uitsluitingsgronden. Wie niet aan de voorwaarden van de wet voldoet, bijvoorbeeld omdat die persoon op de peildatum geen rechthebbende is of omdat een uitsluitingsgrond geldt, heeft geen recht op energietoeslag. In sommige gevallen kan overwogen worden of de afwijzing van de aanvraag een hardheid inhoudt, wat inhoudt dat de gemeente een toets op hardheid kan uitvoeren.
Conclusie
Zorgtoeslag en energietoeslag zijn twee subsidies die specifiek gericht zijn op huishoudens met een laag inkomen. Beide toeslagen helpen bij het dragen van respectievelijk zorg- en energiekosten, en zijn daarbij een belangrijk onderdeel van het sociale netwerk in Nederland.
Voor huishoudens met een laag inkomen is het belangrijk om te weten hoe deze toeslagen precies werken en wat de voorwaarden zijn. Het aanvragen van deze toeslagen is een gestructureerd proces dat via de Dienst Toeslagen verloopt. Het is belangrijk om alle benodigde gegevens bij de hand te hebben en te weten wat de inkomensgrenzen zijn.
Hoewel de regelingen helder zijn, zijn er beperkingen. Huishoudens die net boven de inkomensgrens vallen, komen bijvoorbeeld niet in aanmerking voor energietoeslag. Niet-rechthebbenden kunnen echter in vergelijkbare mate te maken hebben met energiearmoede, en kunnen op individueel niveau maatwerk ontvangen.
Het is aan te raden om mensen die in aanmerking komen voor deze toeslagen deze aan te vragen, zodat ze de financiële druk kunnen verminderen en hun huishouden kunnen onderhouden.
