Een meerderjarig kind op het huurcontract: regels, mogelijkheden en praktijk

Wonen in een huurwoning is voor veel Nederlanders de realiteit. Huurbescherming, langdurige huurovereenkomsten en wettelijke bepalingen maken huurwoningen een aantrekkelijke optie. Wanneer ouders hun huurwoning delen met hun kinderen, kunnen belangrijke vragen rijzen, met name als een van de ouders overlijdt of besluit om te verhuizen. Veel ouders stellen zich de vraag: kan mijn kind op het huurcontract komen? Wat zijn de wettelijke en praktische voorwaarden om medehuurder te worden? En hoe zit het met de huurbescherming in dat geval?

In dit artikel bespreken we de relevante regels en praktijkgevoelingen die betrekking hebben op het recht van meerderjarige kinderen om op het huurcontract van hun ouders te komen. We baseren ons op recente jurisprudentie, wetten en praktijkbeelden om een duidelijk overzicht te bieden van de juridische en logistieke mogelijkheden.

Wettelijke kaders: medehuurderschap en medebewonerschap

Om te begrijpen of een kind op een huurcontract kan komen, is het belangrijk om de wettelijke begrippen medehuurder en medebewoner te onderscheiden.

Medehuurder versus medebewoner

Een medehuurder is iemand die op het huurcontract staat en die rechten en plichten heeft in verband met de huurovereenkomst. Medehuurderschap biedt huurbescherming, wat betekent dat de huurovereenkomst automatisch wordt voortgezet bij het overlijden van de huurder, mits bepaalde voorwaarden zijn vervuld.

Een medebewoner daarentegen is iemand die in de huurwoning woont, maar niet op het contract staat. Medebewoners genieten geen automatische huurbescherming. Wel kan een medebewoner, bijvoorbeeld een meerderjarig kind, in sommige gevallen huurbescherming krijgen indien bewezen kan worden dat er sprake is van een duurzame gemeenschappelijke huishouding met de huurder.

De wettelijke regels voor medehuurderschap zijn vastgelegd in het Woningwetboek. Artikel 7:267 lid 1 BW stelt dat medehuurderschap mogelijk is wanneer een persoon minstens twee jaar lang hoofdverblijf heeft in het gehuurde en een duurzame gemeenschappelijke huishouding voert met de huurder.

Praktijk en voorwaarden voor medehuurderschap

In de praktijk komt het regelmatig voor dat ouders hun kinderen willen laten blijven wonen na hun overlijden of wanneer zij zelf verhuizen. Dit is echter niet automatisch mogelijk. Het medehuurderschap van een meerderjarig kind is een uitzondering en vereist voldoende bewijs voor een duurzame gemeenschappelijke huishouding.

Voorwaarden voor medehuurderschap

De volgende voorwaarden moeten aanwezig zijn om medehuurderschap mogelijk te maken:

  1. Hoofdverblijf in de woning: Het kind moet zijn hoofdverblijf in de huurwoning hebben.
  2. Duurzame gemeenschappelijke huishouding: Er moet sprake zijn van een langdurige samenleving met de huurder, wat vaak moeilijk is te bewijzen in het geval van een jongvolwassene die uiteindelijk op zichzelf wil wonen.
  3. Financiële waarborgen: Het kind moet in staat zijn om de huur te betalen. Dit is een wettelijke vereiste om te voorkomen dat verhuurders op financieel risico komen.
  4. Toestemming van de verhuurder of rechter: Indien de verhuurder niet akkoord gaat met het verzoek tot medehuurderschap, kan het kind dit verzoek bij de rechter afdwingen. De rechter zal dan beoordelen of de voorwaarden van een duurzame huishouding zijn vervuld.

In de praktijk is het moeilijk voor jongvolwassenen om aan deze voorwaarden te voldoen. Verhuurders zijn vaak terughoudend, omdat ze bang zijn dat het huurcontract generaties lang actief blijft met een lage huurprijs en dat jongeren hun toegang tot de wachtrij van de verhuurder kunnen misbruiken.

Jongvolwassen kinderen en huurbescherming

Een jongvolwassene die in de ouderlijke huurwoning woont en geen medehuurder is, is meestal een medebewoner. Dit betekent dat deze persoon geen rechten heeft op huurbescherming. Indien een ouder overlijdt of wil verhuizen, kan de jongvolwassene niet automatisch het huurcontract voortzetten. Zonder toestemming van de verhuurder moet de jongvolwassene binnen twee maanden de woning verlaten.

Dit kan in onwenselijke situaties leiden, vooral wanneer het kind onverwacht wees wordt of financieel niet in staat is om binnen een korte termijn een nieuwe woning te vinden. Uit gesprekken met verhuurders en experts is gebleken dat deze situaties emotioneel en praktisch knellend kunnen zijn.

Uitzonderingen bij verhuurders

Bij sommige verhuurders, zoals bijvoorbeeld Alwel, zijn er specifieke regelingen voor jongvolwassenen. Deze regelingen kunnen tijdelijke huurverlagingen of verlengingen bieden. Bijvoorbeeld:

  • De jongvolwassene kan in de ouderlijke woning blijven wonen tot het 27e levensjaar.
  • Tijdelijke huurverlagingen zijn mogelijk voor jongeren tussen 16 en 22 jaar.
  • Voor jongeren tussen 23 en 27 jaar kan een tijdelijke huurverlaging worden toegestaan.
  • De verhuurder kan de huurovereenkomst pas opzeggen als de jongvolwassene een vervangende woonruimte heeft.

Deze uitzonderingen zijn echter niet wettelijk verankerd, maar zijn vooral van toepassing bij particuliere verhuurders die zo’n beleid hanteren. Het is belangrijk om bij dergelijke regelingen altijd de voorwaarden en tijdsbeperkingen goed te begrijpen.

Hoe kan een kind medehuurder worden?

Als een jongvolwassene wil blijven wonen in de ouderlijke huurwoning, zijn er twee manieren om medehuurder te worden:

  1. Verzoek aan de verhuurder: De jongvolwassene kan samen met de ouders of met eigen naam een verzoek indienen aan de verhuurder om medehuurder te worden. De verhuurder kan dit verzoek aanvaarden of afwijzen.
  2. Afdwinging bij de rechter: Als de verhuurder het verzoek afwijst, kan de jongvolwassene bij de rechter terecht. De rechter beoordeelt dan of sprake is van een duurzame gemeenschappelijke huishouding. Dit vereist onderbouwende documenten, zoals belastingsverklaringen, woningbewijzen en bewijzen van gezamenlijke uitgaven.

Het is belangrijk om te weten dat de rechter in de praktijk voorzichtig is bij dergelijke afdwingingen. Er moet een duidelijke, langdurige en wederzijdse betrokkenheid zijn bij het huishouden.

Praktische stappen voor ouders en jongvolwassenen

Ouders die willen dat hun kind in de huurwoning blijft wonen, kunnen de volgende stappen overwegen:

1. Verzoek tot medehuurderschap indienen

Indien de ouders nog leven en willen verhuizen, kunnen zij samen met hun kind een verzoek indienen bij de verhuurder om medehuurderschap te verkrijgen. De verhuurder kan dan beslissen of het kind op het contract mag komen.

2. Afdwinging via de rechter

Als de verhuurder het verzoek weigert, kan een afdwinging worden gedaan via een rechtszaak. Dit vereist echter bewijsmateriaal en een sterke juridische positie.

3. Overleg met de verhuurder

Het is altijd verstandig om eerst overleg te hebben met de verhuurder. Soms zijn er tijdelijke oplossingen mogelijk, zoals een tijdelijke huurverlaging of een nieuw huurcontract.

4. Alternatieve woonvormen

Als het niet mogelijk is om medehuurder te worden, kan het kind overwegen om tijdelijk in de ouderlijke woning te blijven wonen met een tijdelijk huurcontract. Dit is vooral van toepassing bij verhuurders die dergelijke regelingen hanteren.

Conclusie

Het verzoek om een meerderjarig kind op het huurcontract te zetten is in de praktijk geen automatische procedure. Het hangt af van wettelijke voorwaarden, het bewijs voor een duurzame huishouding en de bereidheid van de verhuurder. Jongvolwassenen genieten meestal geen automatische huurbescherming, tenzij zij als medehuurder op het contract staan of er sprake is van een specifieke regeling bij een verhuurder.

Ouders en jongvolwassenen die overwegen om in de ouderlijke huurwoning te blijven wonen, zouden er goed over nadenken of het juridische en financiële kader hier voor geschikt is. Het is verstandig om in zo’n geval te overleggen met een verhuurder of juridisch deskundige om de beste opties te verkennen.

Door het begrip van wettelijke bepalingen en praktische opties kunnen ouders en kinderen beter voorbereid zijn op eventuele wisselingen in de woonomstandigheden.

Bronnen

  1. Kan mijn kind op het huurcontract?
  2. Mijn kind gaat uit huis – kan hij of zij een verhuurdersverklaring krijgen?
  3. Meerderjarig inwonend kind – recht op medehuurderschap?
  4. Kunnen kinderen het huurcontract van hun ouders overnemen?
  5. Positie van het kind en de medebewoner
  6. Een kind toevoegen als medehuurder

Related Posts