De huurtoeslag is een uitkering die huurders ontvangen om te helpen bij het betalen van hun huur. Het bedrag dat in aanmerking komt voor de huurtoeslag wordt berekend op basis van een aantal factoren, waaronder de zogenaamde rekenhuur. Deze rekenhuur bestaat uit de kale huur plus eventuele servicekosten, maar niet alle servicekosten tellen mee bij deze berekening. Het is daarom belangrijk om te begrijpen welke servicekosten wel of niet meetellen bij de huurtoeslag en hoe deze worden geïntegreerd in de berekening.
In dit artikel bespreken we in detail hoe servicekosten worden meegenomen in de huurtoeslagberekening, welke categorieën servicekosten in aanmerking komen, en welke aandachtspunten je als huurder moet onthouden. We geven ook een overzicht van de komende veranderingen in 2026 en wat deze voor jou als huurder betekenen.
Wat zijn servicekosten?
Servicekosten zijn kosten die horen bij het huren van een woning en meegenomen kunnen worden in de huurtoeslagberekening. Deze kosten zijn meestal verband houdend met het onderhoud en gebruik van de woning of gemeenschappelijke ruimtes. Niet alle servicekosten tellen mee bij de huurtoeslag, en er is een maximumbedrag per categorie.
De Belastingdienst maakt onderscheid tussen kale huur en servicekosten. De kale huur is de huur die je betaalt voor de woning zelf, zonder bijkomende kosten. Servicekosten zijn daarentegen extra kosten die je betaalt aan de verhuurder, bijvoorbeeld voor schoonmaak, energie voor gemeenschappelijke ruimtes, of huismeesterdiensten.
Als je all-in huur betaalt (een vast bedrag dat kale huur en servicekosten samen bevat), is het verstandig om dit bedrag aan te vragen gesplitst bij je verhuurder, zodat je de kale huur en servicekosten duidelijk kunt onderscheiden.
Welke servicekosten tellen mee voor huurtoeslag?
Volgens de informatie in de beschikbare bronnen, zijn er slechts vier categorieën servicekosten die in aanmerking komen voor huurtoeslag. Per categorie is er een maximumbedrag van €12 per maand. Dit betekent dat, zelfs als de werkelijke kosten hoger zijn, slechts maximaal €12 per categorie wordt meegenomen in de berekening van de huurtoeslag.
De vier categorieën servicekosten die in aanmerking komen zijn:
Schoonmaakkosten van gemeenschappelijke ruimtes
Dit omvat de maandelijkse kosten voor het schoonmaken van gemeenschappelijke ruimtes zoals de galerij, trappenhuis, recreatieruimte of lift. Als je woont in een onzelfstandige woonruimte (bijvoorbeeld een kamer in een studentenhuis of gezamenlijke woning), mag je de schoonmaakkosten voor gemeenschappelijke ruimtes zoals een gezamenlijke keuken of wasruimte niet meetellen.Energiekosten voor gemeenschappelijke ruimtes
Dit zijn de kosten voor elektriciteit, verlichting, ventilatie, alarminstallatie of verwarming in gemeenschappelijke ruimtes, zoals een hal of lift. De energiekosten voor je eigen woning (bijvoorbeeld je eigen verlichting of verwarming) tellen niet mee bij de huurtoeslag.Huismeesterkosten
Dit zijn kosten voor diensten zoals schoonmaak, onderhoud of beheer door een huismeester, flatwacht of conciërge. Alleen het deel dat betrekking heeft op schoonmaak en onderhoud van gemeenschappelijke ruimtes telt mee. Kosten voor andere diensten (zoals beveiliging) tellen niet mee.Kapitaal- en onderhoudskosten
Deze kosten zijn gericht op het algemene onderhoud en verbetering van de woning of gemeenschappelijke ruimtes, zoals sanitaire voorzieningen of kleine verbeteringen. Deze kosten zijn minder vaak voorkomen in huurcontracten, en vaak zijn ze al opgenomen in andere servicekosten.
De totale servicekosten die in aanmerking komen voor huurtoeslag zijn dus beperkt tot maximaal €48 per maand (€12 per categorie). Als je verhuurder deze kosten niet apart vermeldt in je huurcontract, is het verstandig om dit aan te vragen.
Welke servicekosten tellen niet mee?
Er zijn ook servicekosten die niet in aanmerking komen voor huurtoeslag, omdat ze niet vallen onder de vier categorieën die wel meetellen. Hier zijn enkele voorbeelden:
- Individueel water- of energieverbruik (zoals gas, elektriciteit of water in je eigen woning).
- Verkoop of huur van eigen parkeerplaats.
- Gemeentelijke belastingen (zoals de woonlasten).
- Kosten voor internet of televisie.
- Dienstkosten voor meubels of gebruik van apparatuur zoals een wasmachine.
Als je bijvoorbeeld een gemeubileerde woning huurt en betaalt extra voor het gebruik van de meubels, tellen deze kosten niet mee bij de huurtoeslag. Hetzelfde geldt voor servicekosten die je betaalt voor het gebruik van een televisie of internet, omdat deze niet vallen onder een van de vier categorieën die wel meetellen.
De berekening van de huurtoeslag
De huurtoeslag wordt berekend aan de hand van een aantal parameters. De belangrijkste zijn:
- De kale huur
- De in aanmerking komende servicekosten (tot maximaal €12 per soort)
- Het inkomen van de aanvrager(s)
- Het vermogen van de aanvrager(s)
- De leeftijd van de aanvrager(s)
- De samenstelling van het huishouden
De Belastingdienst gebruikt deze gegevens om te bepalen of je recht hebt op huurtoeslag en hoe hoog deze is. Het is verstandig om de proefberekening op de officiële website van de Belastingdienst te gebruiken om een indicatie te krijgen van de eventuele huurtoeslag die je kunt ontvangen.
Valkuilen en aandachtspunten
Er zijn een aantal valkuilen en aandachtspunten waar je als huurder op moet letten bij het aanvragen van huurtoeslag:
Juiste informatie opgeven
Zorg ervoor dat je de juiste kale huur en servicekosten doorgeeft aan de Belastingdienst. Als je bijvoorbeeld all-in huur betaalt, is het verstandig om dit te splitsen in kale huur en servicekosten.Maximumbedragen per categorie
Denk eraan dat per categorie servicekosten maximaal €12 meetellen. Als je bijvoorbeeld €20 per maand betaalt aan schoonmaak, telt alleen €12 mee in de huurtoeslagberekening.Niet alle servicekosten meetellen
Sommige servicekosten zijn niet in aanmerking genomen, zoals gemeentelijke belastingen of kosten voor internet of televisie. Zorg dat je deze niet opgeeft bij de huurtoeslag.Aanpassingen in huurcontracten
Als je verhuurder je huurbedrag of servicekosten aanpast, is het belangrijk om dit bij te werken in je huurtoeslagaanvraag. Dit kan anders leiden tot een verkeerde berekening of terugbetaling.Nieuwe wet op servicekosten (2026)
Vanaf 1 januari 2026 verandert er iets in de huurtoeslagberekening. Op dat moment tellen servicekosten niet meer mee in de berekening van de huurtoeslag. De Belastingdienst kijkt dan alleen nog naar de kale huur en het inkomen van de huurder. Deze verandering betekent dat je in de toekomst mogelijk meer huur hoeft te betalen, afhankelijk van de hoogte van je servicekosten.
De komende veranderingen in 2026
Op 1 juli 2026 treedt een nieuwe wet in werking die bedoeld is om de servicekosten in huurcontracten duidelijk te maken. Deze wet moet ervoor zorgen dat verhuurders niet onterechte servicekosten doorberekenen aan hun huurders.
Deze wetswijziging heeft ook gevolgen voor de huurtoeslag. Vanaf 2026 telt de Belastingdienst alle servicekosten niet meer mee in de berekening van de huurtoeslag. De huurtoeslag wordt dan volledig berekend op basis van de kale huur en het inkomen van de huurder.
Wat betekent dit voor huurders?
- Je huurtoeslag wordt nu en in de toekomst alleen nog bepaald door je kale huur en je inkomen.
- Dit betekent dat je mogelijk meer huur hoeft te betalen, afhankelijk van de hoogte van je servicekosten.
- Als je hoge servicekosten hebt, kan het zijn dat je meer uitgeeft aan huur in de toekomst, omdat deze servicekosten niet meer meegenomen worden in de huurtoeslagberekening.
- Je hoeft niets aan te passen in je aanvraag. De Belastingdienst zal de veranderingen automatisch doorvoeren.
De Belastingdienst informeert huurders over deze veranderingen in november 2025, zodat je op de hoogte bent van de gevolgen voor jouw situatie.
Samenvatting
Servicekosten spelen een belangrijke rol in de berekening van de huurtoeslag, maar niet alle servicekosten zijn in aanmerking genomen. Slechts vier categorieën servicekosten tellen mee, en dat is maximaal €12 per categorie, wat leidt tot een totaal maximum van €48 per maand. Deze categorieën zijn:
- Schoonmaakkosten van gemeenschappelijke ruimtes
- Energiekosten voor gemeenschappelijke ruimtes
- Huismeesterkosten
- Kapitaal- en onderhoudskosten
Andere servicekosten, zoals individueel water- of energieverbruik, gemeentelijke belastingen of kosten voor internet of televisie, tellen niet mee. Het is daarom belangrijk om de juiste kale huur en servicekosten op te geven bij de aanvraag voor huurtoeslag.
Vanaf 2026 verandert er iets in de huurtoeslagberekening. Servicekosten tellen dan niet meer mee, en de huurtoeslag wordt berekend op basis van de kale huur en het inkomen van de huurder. Dit betekent dat je in de toekomst mogelijk meer huur hoeft te betalen, afhankelijk van de hoogte van je servicekosten.
Als huurder is het verstandig om je huurcontract en servicekosten goed te begrijpen, en eventueel hulp te zoeken bij de Belastingdienst of een huurdersvereniging zoals de Woonbond.
