De huurtoeslag is een ondersteuning die huurders ontvangen om de huurlasten te verlagen. Het bedrag van deze toeslag is afhankelijk van meerdere factoren, waaronder het inkomen, de huurprijs, de regio en het vermogen. Voor veel huurders is het vermogen een belangrijk onderdeel van de beoordeling van hun recht op huurtoeslag. Het vermogen is het totale aantal bezittingen minus eventuele schulden. In dit artikel worden de regels over vermogen en huurtoeslag duidelijk uitgelegd, op basis van de meest recente informatie uit betrouwbare bronnen.
Wat is vermogen in het kader van huurtoeslag?
Vermogen in het kader van huurtoeslag verwijst naar alle bezittingen die een huurder of huurderin bezit, inclusief schulden. Het vermogen wordt berekend door alle bezittingen op te tellen en eventuele schulden af te trekken. De Belastingdienst Toeslagen beoordeelt of het vermogen onder of boven de geldende grens ligt. Als het vermogen boven deze grens ligt, heeft de huurder geen recht op huurtoeslag voor dat kalenderjaar.
Het vermogen omvat onder meer:
- Spaargeld
- Beleggingen, zoals aandelen of fondsen
- Vastgoed, behalve de eigen woning
- Vakantiehuis of tweede huis
- Schadevergoedingen (met uitzondering, zie onder)
De volgende onderdelen geven een overzicht van de regels en de huidige vermogensgrenzen voor 2024, 2025 en 2026.
Maximaal vermogen voor huurtoeslag: 2024 tot 2026
De maximale vermogensgrens voor huurtoeslag verandert elk jaar. De Belastingdienst Toeslagen stelt deze grens op basis van de wettelijke regelgeving. De huidige vermogensgrenzen voor 2024, 2025 en 2026 zijn als volgt:
| Jaar | Maximaal vermogen voor alleenstaanden | Maximaal gezamenlijk vermogen (toeslagpartner) |
|---|---|---|
| 2024 | € 36.952 | € 73.904 |
| 2025 | € 37.395 | € 74.790 |
| 2026 | € 38.479 | € 76.958 |
Het vermogen wordt beoordeeld op 1 januari van het betreffende jaar. Als het vermogen op die datum boven de geldende grens ligt, heeft de huurder geen recht op huurtoeslag voor dat kalenderjaar. Het maakt niet uit of het vermogen later in het jaar daalt; het bepaalde bedrag op 1 januari is het enige wat telt.
Uitzondering: aangifte inkomstenbelasting (IB-aangifte)
Als een huurder samen met zijn of haar toeslagpartner aangifte doet voor de inkomstenbelasting (IB-aangifte), dan geldt een andere regel. In dat geval mag het gezamenlijke vermogen beoordeeld worden op basis van de gezamenlijke vermogensvrijstelling. Voor 2024 bijvoorbeeld geldt een vermogensvrijstelling van € 36.952 per persoon, wat betekent dat een gezamenlijk vermogen van maximaal € 73.904 in aanmerking komt voor huurtoeslag.
Wat telt mee als vermogen?
Niet alle bezittingen tellen mee als vermogen in de context van huurtoeslag. Het is daarom belangrijk om te weten welke soorten bezittingen wel en niet meegenomen worden bij de beoordeling. Hieronder volgt een overzicht:
Telt mee als vermogen
- Spaargeld en beleggingen: Dit omvat alle spaargeldrekeningen, aandelen, fondsen en andere beleggingen. Het totale bedrag van deze bezittingen wordt opgeteld.
- Vastgoed (behalve eigen woning): Vastgoed dat niet als eigen woning fungeert, zoals een vakantiehuis of tweede woning, telt mee.
- Vermogen in het buitenland: Onderdelen van het vermogen die zich in het buitenland bevinden, worden ook meegerekend.
- Vermogen van medebewoners: Het vermogen van medebewoners telt meebij de beoordeling van de huurtoeslag. Dit geldt ook voor het vermogen van kinderen jonger dan 18 jaar die bij de huurder wonen.
- Schadevergoeding (in uitzonderlijke gevallen): In de meeste gevallen telt een schadevergoeding niet mee als vermogen. Echter, er zijn situaties waarin het wel meegerekend kan worden, afhankelijk van de omstandigheden.
Telt niet mee als vermogen
- Eigendom van een toeslagpartner met afzonderlijke inschrijving: Als de toeslagpartner zich elders heeft ingeschreven dan telt zijn of haar vermogen niet mee voor de huurtoeslag, wel voor andere toeslagen.
- Groene beleggingen: Beleggingen in milieuvriendelijke fondsen of groene projecten worden niet meegerekend in de huurtoeslagbeoordeling, ondanks dat ze wel meerekenen voor de inkomstenbelasting.
Geen terugbetaling huurtoeslag bij overschrijden van vermogensgrens
Er zijn uitzonderingen waarbij een huurder geen huurtoeslag hoeft terug te betalen, zelfs als het vermogen boven de geldende grens ligt. Een recente rechtszaak illustreert deze situatie. Een huurder had in 2025 een vermogen van € 25.083, wat € 646 boven de geldende vermogensgrens lag. Tijdens de rechtszaak bleek dat dit vermogen tijdelijk was toegeschreven aan een fout bij de ziektekostenverzekeraar. Het betroffen bedrag was per ongeluk op een verkeerde bankrekening gestort en was dezelfde dag weer terugbetaald.
De rechters concludeerden dat de huurtoeslag niet terugbetaald hoefde te worden, omdat het overschrijden van de vermogensgrens niet wilsonwille van de huurder was en de omstandigheden het evenredigheidsbeginsel zouden kunnen schenden.
Belastingaangifte en huurtoeslag
Het is belangrijk om op de hoogte te zijn van de regels rondom de aangifte van inkomsten en vermogen. De Belastingdienst Toeslagen beoordeelt het vermogen op basis van de aangifte voor de inkomstenbelasting. Als huurders samen aangifte doen, geldt een gezamenlijke vermogensvrijstelling. Dit betekent dat het gezamenlijke vermogen onder een hogere grens valt dan wanneer ze afzonderlijk aangifte doen.
Vermogen dat niet telt
De Belastingdienst Toeslagen biedt de mogelijkheid om aan te vragen dat bepaald vermogen niet meegerekend wordt bij de beoordeling van de huurtoeslag. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij groene beleggingen of bij verklaringen over tijdelijke omstandigheden. In dergelijke gevallen dient een schriftelijke aanvraag ingediend te worden bij de Belastingdienst.
Tijdlijn en historische vermogensgrenzen
De vermogensgrenzen zijn sinds 2018 geleidelijk gestegen. Hieronder volgt een overzicht van de historische vermogensgrenzen:
| Jaar | Maximaal vermogen voor alleenstaanden | Maximaal gezamenlijk vermogen |
|---|---|---|
| 2018 | € 30.000 | € 60.000 |
| 2019 | € 30.360 | € 60.720 |
| 2021 | € 31.340 | € 62.680 |
| 2022 | € 31.747 | € 63.494 |
| 2023 | € 33.748 | € 67.496 |
| 2024 | € 36.952 | € 73.904 |
| 2025 | € 37.395 | € 74.790 |
| 2026 | € 38.479 | € 76.958 |
Deze stijging is een reflectie van de inflatie en de groei van het gemiddelde inkomen in de afgelopen jaren. Het is duidelijk dat de vermogensgrenzen jaarlijks worden aangepast om de veranderingen in de economie te volgen.
Conclusie
De huurtoeslag is een belangrijke financiële ondersteuning voor huurders met een lager inkomen. Het vermogen speelt een cruciale rol in de beoordeling van het recht op deze toeslag. Huurders moeten op de hoogte zijn van de geldende vermogensgrenzen, de regels rondom het vermogen en de mogelijkheden om vermogen uit te sluiten uit de beoordeling. Het vermogen wordt beoordeeld op 1 januari van het betreffende jaar en bepaalt of een huurder in aanmerking komt voor huurtoeslag.
Het is verstandig om jaarlijks te controleren of het vermogen binnen de geldende grens blijft. In geval van twijfel is het aan te raden om contact op te nemen met de Belastingdienst Toeslagen of de hulp van een taxatiekundige in te schakelen. Met de juiste kennis en planning kan men ervoor zorgen dat men binnen de regels blijft en recht heeft op de huurtoeslag.
