Inleiding
Voor veel mensen met een laag inkomen is huurtoeslag een belangrijk instrument om een deel van de huurkosten te dekken. Echter, bij getrouwde personen of partners die in een huwelijk of geregistreerd partnerschap leven, kan het bepalen van de aanspraak op huurtoeslag complex worden, vooral wanneer de partner in het buitenland woont of niet is ingeschreven in de GBA (Gemeentelijke Basis Administratie). Dit artikel gaat in op de situatie van getrouwde personen en huurtoeslag, met aandacht voor praktische gevallen en de problemen die hierbij kunnen ontstaan.
Huurtoeslag en het huwelijk
Wat is een toeslagpartner?
Volgens de Belastingdienst is een huwelijk of geregistreerd partnerschap automatisch het begin van een toeslagrelatie. Dit betekent dat bij een huwelijk of een geregistreerd partnerschap de partner een zogenaamde toeslagpartner is. Dit heeft invloed op het bepalen van de aanspraak op huur- en zorgtoeslag.
Een toeslagpartner wordt meegerekend in de bepaling van het gezamenlijke inkomen. Dit is belangrijk, omdat het inkomen van de partner bepaalt of er recht is op toeslagen en in welke mate.
Problemen bij een partner in het buitenland
Een veelvoorkomend probleem is dat een partner in het buitenland woont en daarom geen verblijfsvergunning heeft of niet is ingeschreven in de GBA. Dit maakt het soms onmogelijk om die partner als toeslagpartner te registreren. In dat geval kan de Belastingdienst aankondigen dat de huurtoeslag niet of gedeeltelijk niet toegewezen wordt, omdat de voorwaarden voor het huwelijk in het administratieve kader van de toeslagen niet worden geraakt.
Deel van het probleem zit hier in het feit dat de administratie van de Belastingdienst automatisch aannemt dat een huwelijk ook automatisch een toeslagrelatie betekent. Dit leidt tot situaties waarin partners in het buitenland onnodig worden meegerekend, terwijl ze in werkelijkheid geen invloed hebben op het inkomen of de huurkosten.
Toepassing in praktijk
In praktijk betekent dit dat mensen die getrouwd zijn, maar met een partner in het buitenland, vaak moeten aangeven of ze als getrouwd of als alleenstaand worden ingeschreven. Een voorbeeld is gegeven waarin een persoon de Belastingdienst belde en ontdekte dat de partner niet voldoet aan de voorwaarden om toeslagpartner te zijn. Hierdoor zou de persoon geen recht hebben op toeslagen.
Er zijn ook gevallen waarin mensen de situatie verkeerd invullen, bijvoorbeeld doordat de partner niet is ingeschreven of omdat ze niet weten hoe ze het administratieve kader moeten hanteren. Dit leidt tot verkeerde aanspraken en soms zelfs tot terugbetaling van toeslagen, zoals in een geval waarin de Belastingdienst eist dat de persoon zorgtoeslag terug moet betalen, omdat de partner geen Nederlandse zorgverzekering had.
Aanvragen van huurtoeslag bij een partner in het buitenland
Een andere praktische uitdaging is het invullen van het aanvraagformulier voor huurtoeslag. In sommige gevallen vragen de Belastingdienst of de gemeente of een partner is ingevuld. Als de partner in het buitenland woont en geen BSN (Burgerservicenummer) heeft, kan dit leiden tot problemen. In een geval werd aangegeven dat een partner geen BSN had en dat dit een probleem opleverde bij het invullen van de huurtoeslag-aanvraag.
In zulke gevallen is het soms aan te raden om de situatie in detail te beschrijven bij de Belastingdienst of gemeente. Zoals in een geval waarin iemand aangaf dat de partner geen financieel ondersteuning kon geven, werd er geen probleem gecreëerd met de huurtoeslag-aanvraag.
Gebruik van het online rekenhulpmiddel
Een handig hulpmiddel om te bepalen of er recht is op huurtoeslag is het online rekeninstrument van www.toeslagen.nl. Hierin kan men de persoonlijke situatie invullen, inclusief het inkomen van zowel de eigenaar als de partner. Het is belangrijk om te weten dat ook het inkomen van de partner meegeteld wordt, zelfs als hij of zij in het buitenland woont. Dit kan leiden tot een lagere toeslag dan verwacht, aangezien de toeslagen afhankelijk zijn van het gezamenlijke inkomen.
Huurtoeslag bij meerdere huurders
Een andere situatie waarin huurtoeslag in het gedrang kan komen, is bij meerdere huurders. Bijvoorbeeld wanneer twee personen samen een appartement huren, kunnen de huurprijs en de aanspraak op toeslagen anders worden bepaald. In een geval werd aangegeven dat een appartement voor €800 huur gemeld was, waarin twee personen samenwoonden. De vraag was of er twee huurcontracten van €400 gemaakt moesten worden, of of het mogelijk was om één contract van €800 aan te houden.
In dergelijke gevallen is het verstandig om de situatie te duiden bij de Belastingdienst. Vaak is het mogelijk om aan te tonen dat het huurbedrag op een eerlijke manier is verdeeld, zonder dat er twee aparte contracten nodig zijn.
Praktische oplossingsrichtingen
1. Situatie uitleggen bij de Belastingdienst
Een veelgebruikte en effectieve methode is om de situatie persoonlijk of telefonisch uitleggen bij de Belastingdienst of de gemeente. In een aantal gevallen is het probleem op te lossen door duidelijk te maken dat de partner niet financieel betrokken is, of niet in Nederland woont en daarom geen toeslagpartner is. In een geval werd duidelijk dat de partner niet verplicht was om een Nederlandse verzekering te hebben, omdat hij in zijn eigen land woonde. Dit werd als een fout gezien bij de toekenning van zorgtoeslag.
2. Gebruik maken van het rekeninstrument
Het gebruik van het rekeninstrument op www.toeslagen.nl is een handige manier om te testen hoe het inkomen en de huurprijs elkaar beïnvloeden. Hierin kunnen zowel het inkomen van de eigenaar als eventueel het inkomen van de partner worden ingevuld. Dit geeft een duidelijk beeld van de aanspraak op huur- en zorgtoeslag.
3. Alternatieve hulp via de gemeente
In sommige gevallen kunnen mensen met een lager inkomen ook hulp krijgen via de gemeente, wanneer de toeslagenregelingen ongunstig werken. In een voorbeeld uit Rheden staat dat mensen die getrouwd zijn en samen een laag inkomen hebben, minder huur- en zorgtoeslag kunnen krijgen dan nodig. De gemeente kan in dergelijke gevallen een aanvulling op het inkomen bieden, zodat het bestaansminimum is gedeekt. Dit is een alternatieve oplossing in gevallen waarin de Belastingdienst niet adequaat reageert.
Conclusie
Het aanvragen van huurtoeslag bij een getrouwde persoon kan complex worden, vooral wanneer de partner in het buitenland woont of niet is ingeschreven in de GBA. De Belastingdienst gebruikt automatisch het huwelijk als basis voor de toeslagpartnerstatus, wat leidt tot situaties waarin mensen onnodig worden meegerekend, terwijl ze in werkelijkheid geen invloed hebben op het inkomen of de huurprijs.
Het is daarom belangrijk om de situatie helder uit te leggen bij de Belastingdienst of gemeente. Daarnaast is het rekeninstrument van www.toeslagen.nl een waardevolle hulpmiddel om de aanspraak op toeslagen te bepalen. In gevallen waarin de toeslagenregelingen ongunstig werken, kan de gemeente in sommige gevallen een aanvulling bieden om het bestaansminimum te garanderen.
Door duidelijk te communiceren en hulpmiddelen te gebruiken, kunnen getrouwde personen beter begrijpen hoe huurtoeslag werkt en welke stappen genomen kunnen worden om hun aanspraak te behouden of te verbeteren.
