Voor veel gezinnen is de huurtoeslag een belangrijke financiële ondersteuning. Echter, de regels om dit recht te krijgen of te behouden zijn complex, en de impact van het inkomen van inwonende kinderen kan aanzienlijk zijn. Als ouder van een meerderjarig kind dat thuis woont en werkt, is het belangrijk om te begrijpen hoe dit inkomen wordt meegenomen in de berekening van subsidies zoals de huurtoeslag, zorgtoeslag en eventueel het kindgebonden budget. De Belastingdienst telt namelijk het inkomen van uw kind mee in de berekening, tenzij specifieke vrijstellingen van toepassing zijn.
In dit artikel bespreken we de regels in detail, inclusief de vrijstellingen, de rol van leeftijd en het effect op toeslagen. Ook wordt ingegaan op situaties waarin het kind ouder is dan 23 jaar of waarbij de huurtoeslag wordt berekend als eenpersoonshuishouden of meerpersoonshuishouden.
Wat is een inwonend kind?
Een inwonend kind wordt door de Belastingdienst gedefinieerd als een kind dat in het huishouden woont en bijdraagt aan het gezinsleven. Dit geldt zolang het kind onder de 27 jaar is. Als een kind ouder is dan 27 jaar, kan het worden gezien als medebewoner of zelfs als toeslagpartner, afhankelijk van de situatie.
Voor de huurtoeslag wordt een inwonend kind meegerekend in de berekening van het totale huishoudinkomen. Dit betekent dat het inkomen van het kind een directe impact heeft op de hoogte van de huurtoeslag. Echter, voor kinderen jonger dan 23 jaar geldt een vrijstelling, wat betekent dat een bepaalde hoeveelheid van het inkomen niet meegerekend wordt.
Vrijstelling voor kinderen jonger dan 23 jaar
Als een inwonend kind jonger is dan 23 jaar, geldt er een vrijstelling op het bruto jaarinkomen. Deze vrijstelling vermindert de hoeveelheid inkomen die wordt meegenomen in de huurtoeslagberekening. Voor 2025 is deze vrijstelling € 6.042, voor 2026 is het bedrag iets hoger: € 6.218. Dit betekent dat het eerste deel van het inkomen van het kind niet meetelt in de berekening van de huurtoeslag.
De Belastingdienst houdt automatisch rekening met deze vrijstelling. Het is daarom niet nodig om zelf te rekenen welk deel van het inkomen van uw kind meetelt. U hoeft alleen het totale inkomen van uw kind door te geven aan de Belastingdienst.
Studiefinanciering, zoals een studielening of een toelage, telt niet mee als inkomen en hoeft daarom ook niet doorgegeven te worden. Dit geldt ook voor stagevergoedingen, mits deze binnen de kaders van een opleiding vallen.
Geen vrijstelling voor kinderen van 23 jaar of ouder
Zodra een kind 23 jaar of ouder is, vervalt de vrijstelling. Het volledige inkomen van het kind telt dan mee in de huurtoeslagberekening. Dit geldt ook in het jaar waarin het kind jarig wordt. Bijvoorbeeld: Als uw kind op 15 januari 23 wordt, telt de vrijstelling nog voor het hele jaar. Vanaf 1 januari van het volgende jaar vervalt de vrijstelling en telt het volledige inkomen mee.
Het is belangrijk om dit tijdsbestek goed in te zien, omdat het kan beïnvloeden hoeveel huurtoeslag u in een bepaald jaar ontvangt. Als uw kind bijvoorbeeld op 27 december jarig wordt, dan telt het inkomen van december nog onder de vrijstelling, maar vanaf januari volgt het andere regels.
Invloed op toeslagen
Niet alleen de huurtoeslag, maar ook andere subsidies zoals de zorgtoeslag kunnen worden beïnvloed door het inkomen van een inwonend kind. Als het kind ouder is dan 27 jaar en als toeslagpartner wordt beschouwd, dan telt het inkomen van zowel u als uw kind mee in de berekening van alle toeslagen. Dit betekent dat beide partijen gezamenlijk aanspraak maken op subsidies, en deze worden uitbetaald aan één van de twee.
In tegenstelling daarmee, als het kind jonger dan 27 jaar is, kan het nooit uw toeslagpartner worden. Het is dan enkel een medebewoner, waarvan het inkomen beperkt of volledig meetelt in de huurtoeslagberekening.
Invloed van bijverdiensten
Sinds 2020 mogen jongeren zonder beperking bijverdienen. Dit betekent dat een inwonend kind onbeperkt kan werken, zonder dat dit directe gevolgen heeft voor subsidies zoals de kinderbijslag of studiefinanciering. Echter, bij de huurtoeslag geldt dat het inkomen wel meetelt, afhankelijk van de leeftijd van het kind.
Voor kinderen jonger dan 23 jaar telt alleen het bruto jaarinkomen boven de vrijstelling meetelt. Voor kinderen van 23 jaar of ouder telt het volledige inkomen. U hoeft alleen het totale inkomen door te geven aan de Belastingdienst, en zij rekenen automatisch de vrijstelling af.
Huurtoeslag en meerpersoonshuishouden
Als een inwonend kind ouder is dan 23 jaar, wordt het gezien als medebewoner en maakt het huishouden een meerpersoonshuishouden. Dit heeft directe gevolgen voor de huurtoeslag, omdat de drempel voor terugbetaling lager ligt. Dit betekent dat het totale huishoudinkomen sneller boven de toegestane limiet komt, wat resulteert in minder subsidie.
Het is belangrijk om te begrijpen dat de huurtoeslag niet alleen afhankelijk is van uw eigen inkomen, maar ook van het inkomen van alle medebewoners. Dit geldt ook als het kind geen minderjarige is, maar nog steeds in het huishouden woont.
Wat gebeurt er als een kind verhuist?
Als een inwonend kind het huis verlaat, moet dit aan de Belastingdienst worden gemeld. De huurtoeslag wordt dan herberekend op basis van het nieuwe huishoudinkomen. Het inkomen van het kind dat na de verhuizing verdient, telt dan niet meer mee voor de huurtoeslag, tenzij het kind binnen de 23-jarige leeftijd categorie valt en weer in het huishouden woont.
Het is belangrijk om dergelijke wijzigingen zo snel mogelijk door te geven, omdat vertraging kan leiden tot onnodige terugbetalingen of verlies van subsidies.
Wat als het kind inwonend is, maar op een ander adres ingeschreven staat?
In sommige situaties woont een kind bijvoorbeeld bij een ouder, maar is ingeschreven op een ander adres, zoals dat van een partner of ex-partner. In dergelijke gevallen kan het kind toch als medebewoner worden gezien, afhankelijk van de omstandigheden.
Bijvoorbeeld, als een kind bij een ouder woont, maar op het adres van een ex-partner ingeschreven staat, kan de Belastingdienst bepalen of het kind daadwerkelijk deel uitmaakt van het huishouden. In dat geval kan het inkomen van het kind meetellen in de huurtoeslagberekening.
Wat als het kind een bijbaantje heeft?
Een bijbaantje van een inwonend kind telt meet in de huurtoeslagberekening. De regels zijn hierbij hetzelfde als voor een volledige baan. Als het kind jonger is dan 23 jaar, geldt de vrijstelling, zodat alleen het inkomen boven deze drempel meetelt. Als het kind ouder is dan 23, telt het volledige inkomen mee.
Het is belangrijk om duidelijk te weten welk inkomen van uw kind moet worden doorgegeven. Het is niet nodig om bijvoorbeeld stagevergoedingen apart te melden, zolang deze onder de kaders van een opleiding vallen en geen afzonderlijk inkomen vormen.
Wat als het kind een uitkering ontvangt?
Als een inwonend kind een uitkering ontvangt, zoals een wezenpensioen of een uitkering op grond van arbeidsongeschiktheid, telt dit ook mee in de huurtoeslagberekening. U hoeft deze uitkering niet apart door te geven, omdat de Belastingdienst dit automatisch meeneemt in de berekening.
Echter, studiefinanciering telt niet mee als inkomen en hoeft daarom ook niet door te geven. Dit geldt ook voor andere vormen van subsidies die specifiek bedoeld zijn voor onderwijs of studenten.
Wat als het kind verpleegd wordt?
In sommige gevallen zorgt een ouder of partner voor een inwonend kind dat chronisch ziek of verlamd is. In dergelijke gevallen kunnen er speciale regels gelden. Bijvoorbeeld, als het kind 24/7 mantelzorg nodig heeft, kan het inkomen van het kind vrijgesteld worden uit de toeslagberekening.
Echter, deze regels zijn afhankelijk van de leeftijd van het kind en de aard van de ziekte of verlamming. Het is belangrijk om contact op te nemen met de Belastingdienst om te bepalen of dergelijke regels van toepassing zijn in uw situatie.
Conclusie
Het inkomen van een inwonend kind heeft een directe invloed op de huurtoeslag en andere subsidies. Voor kinderen jonger dan 23 jaar geldt een vrijstelling, waardoor alleen het inkomen boven deze drempel meetelt. Voor kinderen van 23 jaar of ouder telt het volledige inkomen mee in de berekening.
Het is belangrijk om het totale inkomen van uw kind door te geven aan de Belastingdienst, omdat zij automatisch rekening houden met de vrijstelling. Ook is het belangrijk om wijzigingen, zoals verhuizing of veranderingen in inkomen, zo snel mogelijk door te geven.
Bijzondere situaties, zoals mantelzorg of een chronisch zieke medebewoner, kunnen extra regels bevatten. Het is daarom altijd verstandig om contact op te nemen met de Belastingdienst of een aanslagadviseur om de exacte regels voor uw situatie te begrijpen.
Door goed te weten hoe de regels werken, kunt u ervoor zorgen dat u de maximale subsidies ontvangt en geen onnodige terugbetalingen moet maken. Dit is vooral belangrijk in tijden van economische druk of veranderingen in het huishouden.
