Inleiding
De huurtoeslag is een belangrijke steunmaatregel voor huurders met een laag inkomen. De inkomensgrens bepaalt of een huurder in aanmerking komt voor deze toeslag. Deze grens is afhankelijk van het aantal personen in het huishouden, de leeftijd van de huurders, en andere factoren. Vanaf 2026 worden een aantal wijzigingen doorgevoerd, waaronder het vervallen van de maximum huurgrens als voorwaarde voor de huurtoeslag. Dit betekent dat een groter deel van de huurders in aanmerking komt voor een toeslag.
In dit artikel wordt uitgelegd hoe de inkomensgrens voor de huurtoeslag bepaald wordt, wat de recente wijzigingen inhouden en welke parameters voor 2026 van toepassing zijn. Ook wordt ingegaan op de indexering van deze grenzen en hoe de huurtoeslag berekend wordt op basis van het inkomen en de huurprijs.
Wat is de inkomensgrens voor huurtoeslag?
De inkomensgrens voor huurtoeslag is het maximale bedrag aan bruto belastbaar inkomen dat een huurder of huishouden mag hebben om in aanmerking te komen voor huurtoeslag. Het inkomen wordt berekend over het hele jaar, inclusief eventuele toeslagen of uitkeringen. De grens varieert afhankelijk van het huishoudtype: eenpersoonshuishouden of meerpersoonshuishouden, en of iemand ouder is dan de AOW-leeftijd.
Tot 2020 was er een vaste inkomensgrens voor elk jaar. Sinds 2020 is deze grens flexibel geworden en afhankelijk van het inkomen en de huur. Hierdoor worden geen vastgestelde maxima meer jaarlijks gepubliceerd, maar wordt de grens individueel bepaald op basis van het inkomen en de huurprijs.
Voorbeelden van inkomensgrenzen uit eerdere jaren zijn als volgt:
- 2015 (eenpersoonshuishouden): € 21.950.
- 2015 (meerpersoonshuishouden): € 29.800.
- 2017 (eenpersoonshuishouden): € 22.200.
- 2017 (meerpersoonshuishouden): € 30.150 of € 30.175 (bij AOW-bevoegdheid).
- 2019 (eenpersoonshuishouden jonger dan AOW): € 22.700.
- 2019 (meerpersoonshuishouden): € 30.825 of € 30.800 (bij AOW-bevoegdheid).
- 2020 en later: Er is geen vaste inkomensgrens meer, de grens wordt individueel berekend.
Wat is bruto belastbaar inkomen?
Het bruto belastbaar inkomen is het totale inkomen van een huishouden, berekend vóór aftrek van belastingen, premies en andere verplichte afdrachten. Dit inkomen omvat onder andere:
- Loon van werkgever
- Uitkeringen (zoals WAO, WW, WIA)
- Studiefinanciering (niet meegerekend)
Studiefinanciering, zoals een studielening of toeslag, wordt niet meegerekend in het bruto belastbare inkomen. Wel worden lonen, uitkeringen en eventuele inkomsten van medebewoners of een toeslagpartner meegerekend.
Het inkomen wordt berekend over het hele jaar, ook als de huurtoeslag pas gedeeltelijk of pas in een later deel van het jaar wordt aangevraagd. Dit betekent dat als het inkomen in het hele jaar boven de grens zit, er geen recht op huurtoeslag is.
Wijzigingen in 2026: Eenvoudiger huurtoeslag
Vanaf 2026 wordt de huurtoeslag aanzienlijk vereenvoudigd. Een belangrijke wijziging is het vervallen van de maximum huurgrens als voorwaarde voor de huurtoeslag. Tot nu toe moest de huur onder een bepaalde grens blijven om in aanmerking te komen voor de toeslag. Vanaf 2026 is deze voorwaarde weggevallen, waardoor een groter aantal huurders in aanmerking komt voor de huurtoeslag.
Daarnaast worden de inkomens- en huurgrenzen jaarlijks geïndexeerd, wat betekent dat ze volgen op het algemene verloop van de economie. Dit proces wordt uitgevoerd op basis van de Consumer Price Index (CPI) of het Huurontwikkeling Index (HO), afhankelijk van de parameter.
Inkomensparameters voor 2026
De volgende inkomensparameters gelden voor 2026:
Eenpersoonshuishouden
- Inkomensgrens min. eigen bijdrage: € 23.425
- Voordeel sparen en beleggen: € 5.516
- Gezamenlijk toetsingsinkomen: € 60.525
Meerpersoonshuishouden
- Inkomensgrens min. eigen bijdrage: € 31.500
- Voordeel sparen en beleggen: € 5.516
- Gezamenlijk toetsingsinkomen: € 60.525
Deze parameters worden gebruikt om te bepalen of het inkomen van een huishouden voldoet aan de eisen voor huurtoeslag. Het “gezamenlijk toetsingsinkomen” is het maximum inkomen dat een huishouden mag hebben, inclusief eventuele toeslagen en uitkeringen.
Huurparameters voor 2026
De huurparameters voor 2026 zijn als volgt:
Eenpersoonshuishouden
- Minimum normhuur: € 250,67
- Verhoging normhuur: -€ 48,15
- Minimum basishuur: € 202,52
Meerpersoonshuishouden
- Minimum normhuur: € 248,86
- Verhoging normhuur: -€ 48,15
- Minimum basishuur: € 200,71
Deze huurparameters zijn belangrijk voor het bepalen van de huurtoeslag. Ze geven aan wat het minimum huurbedrag is dat wordt erkend, en hoeveel van de huur wordt vergoed op basis van het inkomen.
Huurgrenzen en toeslagpercentages
De huurtoeslag wordt berekend op basis van een aantal grenzen en percentages:
Eenpersoonshuishouden
- Huurgrens: € 932,93
- Aftoppingsgrens laag: € 713,02
- Aftoppingsgrens hoog: € 764,14
- Kwaliteitskortingsgrens: € 498,20
- Toeslagpercentage tot kwaliteitskortingsgrens: 100%
- Toeslagpercentage kwaliteitskortings- tot aftoppingsgrens: 65%
- Toeslagpercentage boven aftoppingsgrens: 40%
Meerpersoonshuishouden
- Huurgrens: € 932,93
- Aftoppingsgrens laag: € 713,02
- Aftoppingsgrens hoog: € 764,14
- Kwaliteitskortingsgrens: € 498,20
- Toeslagpercentage tot kwaliteitskortingsgrens: 100%
- Toeslagpercentage kwaliteitskortings- tot aftoppingsgrens: 65%
- Toeslagpercentage boven aftoppingsgrens: 40%
Deze grenzen bepalen hoeveel van de huur wordt vergoed. Tot aan de kwaliteitskortingsgrens wordt 100% van de huur vergoed. Tussen de kwaliteitskortingsgrens en de aftoppingsgrens is het toeslagpercentage 65%, en boven de aftoppingsgrens is het toeslagpercentage 40%.
Indexering van inkomens- en huurgrenzen
De inkomens- en huurgrenzen worden jaarlijks geïndexeerd. Dit betekent dat ze volgen op de algemene ontwikkeling van de economie. De indexering wordt uitgevoerd op basis van de CPI of de HO-index, afhankelijk van de parameter.
De indexering voor 2026 is als volgt:
- Inkomensparameters: 1,0365 (CPI)
- Huurparameters: 1,044 (HO)
Deze indexering zorgt ervoor dat de grenzen realistisch blijven, ook bij stijgende huurprijzen en inkomens. De definitieve vaststelling en publicatie van deze grenzen vindt plaats in de Staatscourant, voor het einde van 2025.
Invloed van AOW-bevoegdheid
Bij huishoudens waarin iemand ouder is dan de AOW-leeftijd, geldt een iets andere inkomensgrens. Dit heeft invloed op zowel de inkomens- als huurgrenzen.
Voorbeelden uit eerdere jaren zijn:
- 2017 (meerpersoonshuishouden): € 30.175 in plaats van € 30.150.
- 2019 (meerpersoonshuishouden): € 30.800 in plaats van € 30.825.
De AOW-bevoegdheid kan ook invloed hebben op het toeslagpercentage, afhankelijk van het huurbedrag en het inkomen.
Invloed van medebewoners en toeslagpartner
Het inkomen van medebewoners en een eventuele toeslagpartner wordt altijd meegerekend bij de bepaling van de inkomensgrens. Dit geldt voor zowel eenpersoonshuishoudens als meerpersoonshuishoudens.
Medebewoners zijn personen die met u in één huishouden wonen, zoals kinderen of andere familieleden. Een toeslagpartner is de partner met wie u een huurcontract hebt. Beide personen hebben invloed op het inkomen dat wordt meegerekend voor de huurtoeslag.
Wijzigingen in het berekeningsmodel
Sinds 2020 is het berekeningsmodel voor huurtoeslag gewijzigd. In plaats van een vaste inkomensgrens is er nu een flexibel berekeningsmodel dat rekening houdt met het individuele inkomen en de huurprijs. Dit betekent dat de inkomensgrens niet meer vooraf vaststaat, maar individueel wordt bepaald.
Het nieuwe model maakt het mogelijk dat huurders met een iets hoger inkomen in aanmerking komen voor huurtoeslag, mits de huurprijs daarmee in balans blijft. Het model is bedoeld om het proces eerlijker en transparanter te maken, en om meer huurders te ondersteunen.
Toekomst van huurtoeslag
De huurtoeslag is een belangrijke steunmaatregel voor huurders met een laag inkomen. De wijzigingen vanaf 2026 zorgen ervoor dat meer huurders in aanmerking komen en dat het systeem eenvoudiger wordt. De indexering van inkomens- en huurgrenzen zorgt ervoor dat de grenzen realistisch blijven, ook bij stijgende inkomens en huurprijzen.
Toekomstige ontwikkelingen zullen waarschijnlijk gericht zijn op het verder vereenvoudigen van het systeem en het vergroten van de toegankelijkheid voor huurders. Het is belangrijk dat huurders zich op de hoogte houden van de regels en grenzen, zodat ze weten of ze in aanmerking komen voor huurtoeslag.
Conclusie
De inkomensgrens voor huurtoeslag is een belangrijk onderdeel van het systeem dat bepaalt of een huurder in aanmerking komt voor steun. Tot 2020 was er een vaste inkomensgrens, maar sindsdien is dit model gewijzigd in een flexibel model dat rekening houdt met het individuele inkomen en de huurprijs. Vanaf 2026 wordt de huurtoeslag aanzienlijk vereenvoudigd, waardoor meer huurders in aanmerking komen.
De inkomens- en huurgrenzen worden jaarlijks geïndexeerd, en de parameters voor 2026 zijn al bekend. Het is belangrijk dat huurders deze grenzen en regels goed begrijpen, zodat ze weten of ze in aanmerking komen voor huurtoeslag.
