Servicekosten en hun rol bij de huurtoeslag: wat verandert vanaf 2026?

De huurtoeslag is een belangrijk instrument voor huurders met een lager inkomen, waarmee de maandelijkse huur lasten gedeeltelijk worden gecompenseerd. Bij de berekening van de huurtoeslag speelt ook de zogenaamde rekenhuur een rol. Deze rekenhuur wordt samengesteld uit de kale huur en eventuele servicekosten, maar niet alle servicekosten worden in aanmerking genomen. Vanaf 2026 wordt dit beeld aanzienlijk gewijzigd, wat betekent dat huurders anders moeten rekenen met hun toezicht op de huurprijs en de toekenning van subsidies.

In dit artikel bespreken we in detail:

  • Wat servicekosten zijn en welke ervan mee telt voor de huurtoeslag;
  • De huidige regels over servicekosten en hun effect op de rekenhuur;
  • De veranderingen die vanaf 2026 ingaan;
  • Wat deze veranderingen betekenen voor huurders;
  • Hoe huurders zich hierop kunnen voorbereiden.

Wat zijn servicekosten?

Servicekosten zijn kosten die bovenop de zogenaamde kale huur worden doorgegeven door de verhuurder. Deze kosten zijn vaak gericht op het onderhoud en de beheer van gemeenschappelijke ruimtes in een woning of woningcomplex. In de praktijk kan dit gaan om schoonmaak, energieverbruik in gemeenschappelijke ruimtes, diensten van een huismeester, of het onderhoud van recreatieruimtes.

Het is belangrijk om te onthouden dat alle servicekosten niet automatisch mee tellen in de berekening van de huurtoeslag. Alleen de servicekosten die vallen onder bepaalde categorieën, kunnen worden meegenomen voor de bepaling van de rekenhuur. De Belastingdienst stelt hier duidelijke regels op.


Welke servicekosten tellen mee bij de huurtoeslag?

Voor de huurtoeslag zijn er bepaalde categorieën servicekosten die maximaal € 12 per categorie in de rekenhuur kunnen worden meegenomen. Dit betekent dat huurders maximaal € 48 per maand aan servicekosten in acht kunnen nemen bij het bepalen van hun rekenhuur. Deze categorieën zijn:

  1. Schoonmaakkosten voor gemeenschappelijke ruimtes
    Dit zijn kosten voor het schoonhouden van ruimtes die meerdere huurders gebruiken, zoals een trappenhuis, galerij, recreatieruimte of lift. Deze kosten tellen mee tot maximaal € 12 per maand.

  2. Energiekosten voor gemeenschappelijke ruimtes
    Dit betreft energiekosten zoals elektriciteit voor verlichting, ventilatie, alarminstallaties of liftbediening in gemeenschappelijke ruimtes. Ook deze kosten tellen mee, maar maximaal € 12 per maand.

  3. Kosten voor de huismeester
    Huismeesterdiensten zoals bijvoorbeeld diensten van een conciërge of wijkbeheerder tellen mee tot een maximum van € 12 per maand.

  4. Kosten voor dienst- en recreatieruimten
    Deze categorie is vooral van toepassing op seniorenwoningen of woningcomplexen met bijzondere faciliteiten. Ook hier geldt een maximum van € 12 per maand.

Opmerking: Deze vier categorieën vormen het maximum van servicekosten die in acht worden genomen bij de huurtoeslag. Alle andere servicekosten, zoals kosten voor internet, televisie of het gebruik van meubels, tellen niet mee in de berekening.


Wat zijn servicekosten die niet mee tellen?

Niet alle servicekosten zijn van toepassing bij de huurtoeslag. Voorbeelden van servicekosten die niet meegenomen worden, zijn:

  • Kosten voor internet, televisie of mobiele telefonie;
  • Kosten voor het gebruik van meubels of interieur;
  • Kosten voor het tuinonderhoud;
  • Eigen energiekosten (zoals gas, water en elektriciteit in de woning zelf);
  • Eventuele extra premies voor verzekeringen of bijzondere faciliteiten.

Huurders moeten hier rekening mee houden bij het aanvragen van huurtoeslag. De Belastingdienst stelt geen aanspraak op deze extra kosten in de rekenhuur. Dit betekent dat huurders bijvoorbeeld geen aanspraak kunnen maken op kosten voor internet of tv als deze los van de huur worden doorgegeven.


Wat is de rekenhuur en hoe wordt die bepaald?

De rekenhuur is de huur die de Belastingdienst gebruikt om te bepalen of en hoeveel huurtoeslag een huurder in aanmerking komt. Deze rekenhuur bestaat uit:

  • De kale huur (de basisprijs voor de woning);
  • Servicekosten die in de vier genoemde categorieën vallen (maximaal € 12 per categorie).

De totale rekenhuur mag maximaal € 932,93 per maand zijn (voor 2025) om in aanmerking te komen voor huurtoeslag. Vanaf 2026 vervalt deze maximale huurgrens. Daarom is de rekenhuur op dit moment een belangrijk instrument voor huurders om hun recht op subsidies in te zien.

Belangrijk: Huurders die bijvoorbeeld een all-in huur betalen, moeten deze huurprijs splitsen in kale huur en servicekosten. Dit is belangrijk voor de juiste berekening van de rekenhuur.


De veranderingen vanaf 2026

Vanaf 2026 verandert de manier waarop servicekosten worden meegenomen in de berekening van de huurtoeslag. De belangrijkste wijzigingen zijn:

  1. Servicekosten tellen niet meer mee
    Vanaf 2026 gebruikt de Belastingdienst alleen nog de kale huur als basis voor de huurtoeslag. Servicekosten worden dus niet meer in de rekenhuur meegenomen.

  2. Maximale huurgrens vervalt
    Tot 2025 gold een maximale huurgrens van € 932,93 per maand voor de rekenhuur. Vanaf 2026 is deze grens weggevallen. Dit betekent dat huurders met een iets hogere huur in aanmerking kunnen komen voor huurtoeslag, mits hun inkomen daartoe bevoegd is.

  3. Toekenning is nu vooral afhankelijk van inkomen
    Omdat servicekosten niet meer meerekenen, is de toekenning van huurtoeslag voornamelijk afhankelijk van het inkomen van de huurder. Dit kan betekenen dat huurders met een lager inkomen een grotere kans hebben op huurtoeslag, ongeacht de hoogte van de kale huur.

  4. Geen actie vereist voor huurders
    Huurders hoeven zelf geen actie te ondernemen. De Belastingdienst zal automatisch de berekening aanpassen. Eind november 2025 zullen huurders een bericht ontvangen met de nieuwe berekening voor 2026.


Wat betekent deze verandering voor huurders?

De veranderingen vanaf 2026 hebben verschillende gevolgen voor huurders:

  • Huurders met hoge servicekosten: Als huurders vorig jaar rekening hielden met servicekosten in de rekenhuur, kunnen zij nu minder huurtoeslag ontvangen. De Belastingdienst zal automatisch deze berekening aanpassen, wat kan leiden tot een lagere uitkering in 2026.

  • Huurders met lager inkomen: Deze groep heeft mogelijk meer kans op huurtoeslag, omdat de kale huur niet meer beperkt wordt door een maximale huurgrens. Dit betekent dat huurders met een iets hogere huur, maar lager inkomen, nu wel in aanmerking kunnen komen.

  • Transparantie en controle: Huurders zullen nu meer aandacht moeten besteden aan hun kale huur, omdat dit de enige factor wordt bij de toekenning van huurtoeslag. Het is daarom belangrijk om goed te weten hoe de kale huur is samengesteld.


Wat kunnen huurders nu doen?

Huurders kunnen nu al voorbereidingen treffen voor de veranderingen vanaf 2026. Hier zijn enkele aanbevelingen:

  • Controleer het huurcontract: Bekijk of de kale huur en eventuele servicekosten duidelijk zijn aangegeven. Bij grote verhuurders zoals woningcoöperaties is dit vaak duidelijk vermeld.

  • Splits eventuele all-in huur: Als je een all-in huur betaalt, vraag aan de verhuurder of deze huurprijs kan worden gesplitst in kale huur en servicekosten. Dit is belangrijk om de rekenhuur correct te kunnen bepalen.

  • Houd rekening met toekomstige veranderingen: Vanaf 2026 wordt de kale huur de enige bepalende factor. Hou daarom bij aanvragen of vernieuwingen van huurtoeslag rekening met de verwachting dat servicekosten niet meer meerekenen.

  • Blijf op de hoogte: De Belastingdienst zal automatisch de berekening aanpassen. Volg daarom het bericht van eind november 2025 nauwlettend, zodat je begrijpt hoe de nieuwe situatie zich voor je ontwikkelt.


Conclusie

Servicekosten spelen sinds lang een rol in de berekening van de huurtoeslag, maar vanaf 2026 verandert deze rol aanzienlijk. Tot 2025 werden bepaalde servicekosten in de rekenhuur meegenomen, maar vanaf 2026 zullen deze kosten volledig worden uitgesloten. Dit betekent dat huurders nu meer aandacht moeten besteden aan de kale huur en hun inkomen, omdat deze de enige bepalende factoren worden bij de toekenning van huurtoeslag.

Deze veranderingen zullen voor sommige huurders leiden tot hogere of lagere toekenningen. Het is daarom belangrijk om goed te weten hoe de kale huur is samengesteld en wat de nieuwe regels precies inhouden. Huurders kunnen dit doen door het huurcontract te controleren, eventuele all-in huur te splitsen en zich voor te bereiden op de automatische aanpassing van de Belastingdienst.


Bronnen

  1. Wat zijn servicekosten bij huurtoeslag?
  2. Servicekosten
  3. Begrippen: Servicekosten
  4. Verandering huurtoeslag
  5. Servicekosten tellen vanaf 2026 niet meer mee voor huurtoeslag

Related Posts