Van Schieoevers tot Warmtenet: De Strategie van Delftse Woningcorporaties bij Stedelijke Transformatie

De verstedelijking van de Zuidelijke Randstad, gekenmerkt door bevolkingsgroei en een sterke trek naar de stad, stelt gemeenten en woningcorporaties voor aanzienlijke uitdagingen op het gebied van woningbouw en werkgelegenheid. In het hart van deze regio ligt Delft, een stad die profiteert van een sterke eigen voorzieningeninfrastructuur en de nabijheid van Rotterdam en Den Haag. Een sleutelfactor in deze dynamiek is de nauwe verbinding met de Technische Universiteit Delft (TU Delft), die als motor fungeert voor innovatie en de ontwikkeling van de 'maakindustrie'. De stad heeft begin 2018 een ruimtelijk-economische visie gepresenteerd met de ambitie om zich te ontwikkelen van kennisstad tot 'HighTech Capital'. Deze visie creëert ruimteclaims op transformatielocaties zoals de Schieoevers: moet er ruimte komen voor de maakindustrie, de woonvisie, of een hybride mix van functies?

Dit vraagstuk wordt niet geïsoleerd bekeken. Woningcorporaties in Delft, zoals DUWO, Stedelink, Vidomes en Woonbron, spelen een centrale rol bij het vertalen van visie naar praktijk. Hun werk omvat niet alleen het bouwen van nieuwe woningen, maar ook het realiseren van een duurzaam warmtenet en het beheren van bestaande gebieden in transformatie. Door ervaringen uit andere Nederlandse transformatieprojecten te analyseren en toe te passen op de lokale context, zijn er specifieke lesjes te leren over hoe men complexe stedelijke veranderingen kan doorvoeren. Dit artikel onderzoekt hoe Delftse woningcorporaties zich positioneren binnen het bredere plaatje van gebiedsontwikkeling, met nadruk op de Schieoevers, het Spoorzone-project en de transitie naar duurzaam verwarmen.

De Delftse Context: Een Hub in de Zuidelijke Randstad

Om de strategie van de woningcorporaties te begrijpen, moet men eerst de bredere context van Delft analyseren. Uit onderzoek van het Atlas voor Gemeenten blijkt dat Delft een unieke positie inneemt in de Zuidelijke Randstad. De stad beschikt over een sterk eigen aanbod van voorzieningen, maar kan ook profiteren van het aanbod in de buursteden Rotterdam en Den Haag. De bereikbaarheid van de stad is uitstekend, mede door de aanwezigheid van het Centraal Station op loopafstand van woonwijken en het openbaar vervoer dat reizen binnen en buiten de stad mogelijk maakt.

De demografische en ruimtelijke ontwikkelingen, met name bevolkingsgroei en de trek naar de stad, creëren een enorme druk op de woningvoorraad. Dit leidt tot een grote woningbouw- en werkgelegenheidsopgave. In Delft is helaas een beperkte ruimte beschikbaar voor nieuwbouw, wat de uitdaging vergroot om nieuwe woningen te realiseren. Woningcorporaties zoals Woonbron zien dit als een kans om samenwerking aan te gaan met de gemeente en zorginstellingen, zoals Pieter van Foreest.

De ambitie van de stad om zich te ontwikkelen tot 'HighTech Capital' vereist een sterke koppeling met de TU Delft. Rondom de universiteit ontstond decennia lang een high-tech-cluster dat deels naar de High Tech Campus buiten de stad is verplaatst. Dit leverde transformatie-opgaven op voor bestaande industrieterreinen. De vraag die rijst is wat precies onder 'maakindustrie' valt en wat de rol van de Schieoevers is binnen deze ambitie, aangezien daar al diverse 'makers' gevestigd zijn.

Vergelijking met andere Nederlandse Transformaties

Veel bedrijventerreinen en industriezones in Nederland doorlopen een soortgelijke ontwikkeling als die in Delft. Op andere plekken is al een herontwikkelingsproces doorlopen, vaak met een tijdsduur van 15 tot 20 jaar. Door naar succesvolle voorbeelden te kijken, kunnen Delftse projectleiders lessen trekken voor de transformatie van de Schieoevers.

De volgende tabel geeft een overzicht van relevante Nederlandse casussen die als model kunnen dienen voor de Delftse context:

Projectlocatie Oorspronkelijke Functie Transformatie-resultaat Tijdspaan Kernles voor Delft
Schiedamse Havens Havenactiviteiten Gemengd gebruik met dialoog via 'synergiekaart' 15-20 jaar Begrijp de bestaande situatie en relaties tussen activiteiten.
Binckhorst (Den Haag) Industrieel gebied Creatieve bedrijvigheid en woningbouw Lange termijn Mix van functies en aantrekken van diverse doelgroepen.
Strijp-S (Eindhoven) Philipsfabrieken 'Dutch Design' uithangbord met sociale huur en winkels 15-20 jaar Behoud identiteit terwijl er ruimte komt voor sociale huur en woonfuncties.
Delft (Schieoevers) Bestaande industrie/makers HighTech Capital & Woonvisie Opgang Mix van maakindustrie, wonen en voorzieningen.

In het geval van de Schiedamse Havens, die letterlijk in het verlengde van de Delftse Schie liggen, is een routinematige aanpak veranderd naar een dialoog met aanwezige bedrijven. Via een 'synergiekaart' werd duidelijk welke activiteiten in het gebied plaatsvinden en hoezeer deze met elkaar samenhangen. Deze aanpak is direct toepasbaar op de Schieoevers in Delft, waar eveneens een mix van functies moet worden gerealiseerd.

In Eindhoven is het voormalige industrieterrein Strijp-S getransformeerd voor creatieve bedrijvigheid. Langzaamaan kreeg het gebied een eigen identiteit als 'Dutch Design'. Activiteiten die als tijdelijke placemaking begonnen (zoals een skatehal) zijn nu permanent geworden. Naast de creatieve sector is er ook ruimte gekomen voor woningbouw. Het uitgangspunt was het aantrekken van een mix van mensen, wat betekende dat er naast dure woningen ook ruimte kwam voor sociale huur. In voormalige Philipsfabrieken bevinden zich nu huurwoningen ontwikkeld door woningcorporatie Trudo, afgewisseld met winkels, werklocaties en duurdere woningen van KonderWessels.

De Woningcorporaties als Sleutels tot Stedelijke Transformatie

In Delft vormen de woningcorporaties de ruggengraat bij het realiseren van de visie. De belangrijkste spelers zijn DUWO, Stedelink, Vidomes en Woonbron. Deze organisaties werken niet alleen aan woningbouw, maar spelen ook een cruciale rol bij de implementatie van duurzaamheidsdoelstellingen, zoals de overstap naar een warmtenet.

Het Spoorzone Project: Nieuwbouw voor Sociale Huur

Een concreet voorbeeld van de inzet van een woningcorporatie is het project Spoorzone in Nieuw Delft. Vanaf juni 2023 is er gestart met het bouwen van dit nieuwbouwproject op het terrein tussen de Westlandseweg, de Nieuwe Gracht en de Engelsestraat. Het project is een samenwerking tussen Woonbron en de zorgorganisatie Pieter van Foreest.

In de komende drie jaar verrijzen er 67 woningen in totaal, bestaande uit 3- en 2-kamerappartementen in sociale huur. Daarnaast bouwt Pieter van Foreest op deze locatie 118 zorgstudio's. De verwachte oplevering ligt in januari 2026.

Linda Schalkwijk, directeur bij Woonbron, benadrukt dat de vraag naar sociale huurwoningen enorm groot is. Aangezien er in Delft beperkte ruimte is voor nieuwbouw, is de samenwerking met de gemeente en zorginstellingen een prachtkans om de woningvoorraad uit te breiden. Dit woningtype is zeer in trek bij zowel starters als doorstromers. De omgeving wordt gekenmerkt als bereikbaar, levendig en groen. De winkels, terrasjes en musea in de binnenstad zijn op loopafstand, evenals het Centraal Station. Met het openbaar vervoer is reizen binnen en buiten de stad binnen bereik.

De Rol van Participatie in Duurzame Transitie

Naast fysieke nieuwbouw spelen woningcorporaties ook een centrale rol bij de transitie naar duurzaamheid. De gemeente Delft heeft de ambitie om de hele stad te voorzien van duurzame warmte. Het plan is om te beginnen met een warmtenet in de wijken Voorhof en Buitenhof, aangesloten op een geothermiebron op de TU Delft Campus. Deze wijken bevatten grote complexen van woningcorporaties, waardoor in één keer veel huishoudens op het net aangesloten kunnen worden.

De taak van de woningcorporaties is niet alleen het bouwen van infrastructuur, maar vooral het betrekken van bewoners. Dit is een ingewikkelde opgave omdat de wijken bestaan uit zeer diverse doelgroepen die deels moeilijk te bereiken zijn. Om de twijfel stap voor stap te wegnemen en het vertrouwen te zien toenemen, is een intensief participatieproces noodzakelijk.

Zeewaardig sloot aan bij het 'Open Warmtenet Delft', een werkgroep bestaande uit de vier betreffende woningcorporaties (DUWO, Stedelink, Vidomes, Woonbron), de netbeheerder, de warmteleverancier en de gemeente Delft. De kracht ligt in het verbinden, onderzoeken, analyseren en samen overgaan tot actie. Door de straat op te gaan, het gesprek aan te gaan en de behoeften in de wijk in kaart te brengen, wordt er meer vertrouwen onder bewoners gewonnen in aanloop naar de overgang naar het warmtenet.

Van Visie naar Realisatie: Het Warmtenet als Casus

De overgang naar een warmtenet in Delft vereist meer dan alleen technische plannen; het vereist sociale acceptatie en samenwerking. De gemeente en de woningcorporaties werken samen met NetVerder als toekomstig netbeheerder en InWarmte als warmteleverancier. Het project richt zich in eerste instantie op het aansluiten van de wijken Voorhof en Buitenhof en betreft zo'n 6.000 huurwoningen.

Het proces om een warmtenet te realiseren is complex. Zeewaardig hielp de werkgroep in beweging te krijgen en de eerste stappen te zetten. Door de inzet van verschillende communicatiemiddelen, het aangaan van direct contact en het creëren van participatiemogelijkheden, is er steeds meer vertrouwen onder bewoners gewonnen.

Dit proces is niet uniek voor Delft. In andere steden worden vergelijkbare netwerken geïmplementeerd. Bijvoorbeeld in Goes werd in 2002 een WKO-systeem (Warmte Koude Opslag) met bronnet ontwikkeld. Gebouwen kregen warmtepompen voor ruimteverwarming en warmtapwaterbereiding, waarbij een oppervlaktewatersysteem als aanvullende warmtevoorziening werd ingezet. In 2018 heeft DNWG Warmte dit net overgenomen en in de jaren daarop sterk verbeterd. Vanaf 2022 is dit systeem in beheer van NetVerder.

Ook in Hoek sluiten een bewonersvereniging, Zeeuwind en NetVerder een convenant over de ontwikkeling van een restwarmtenet. NetVerder heeft daarin de intentie uitgesproken om intensief samen te werken en te onderzoeken of er een restwarmtenet gerealiseerd kan worden. Daarnaast onderzoekt NetVerder samen met de gemeente Vlissingen, woningcorporatie l'escaut en energiecoöperatie Zeeuwind de mogelijkheid van de aanleg van een warmtenet in de Panoramabuurt in Vlissingen. NetVerder is als toekomstig netbeheerder verantwoordelijk voor de eventuele aanleg hiervan.

Deze voorbeelden tonen aan dat succesvolle warmtenet-projecten niet alleen afhankelijk zijn van technologie, maar vooral van samenwerking tussen overheid, woningcorporaties, netbeheerders en bewoners.

Strategieën voor Effectieve Gebiedsontwikkeling

Uit de geanalyseerde feiten en voorbeelden kunnen concrete strategieën worden afgeleid die de Delftse woningcorporaties toepassen bij de transformatie van de Schieoevers en andere gebieden. De kern van deze strategieën ligt in het begrijpen van de bestaande situatie, het creëren van dialoog en het realiseren van een functionele mix.

Belangrijkste lessen uit Nederlandse Voorbeelden

De volgende punten zijn cruciaal voor een succesvol transformatieproces, zoals gepresenteerd door Tom Daamen en Wouter Jan Verheul van de TU Delft:

  1. Begrijp de bestaande situatie goed: Voor elke transformatie is het essentieel om in kaart te brengen wat er al aanwezig is. In de Schiedamse Havens werd dit gedaan via een 'synergiekaart' die de samenhang tussen activiteiten liet zien.
  2. Creëer een functionele mix: Net als in Strijp-S (Eindhoven) en de Binckhorst (Den Haag) is het belangrijk om niet alleen te focussen op één functie. Een succesvolle transformatie combineert wonen, werken, winkelen en recreatie.
  3. Betrek bewoners en ondernemers: Deels door de diverse doelgroepen in wijken als Voorhof en Buitenhof moeilijk te bereiken zijn, is intensieve participatie noodzakelijk. Het wegnemen van twijfel en het opbouwen van vertrouwen zijn sleutels tot succes.
  4. Samenwerking tussen stakeholders: Het 'Open Warmtenet Delft' toont hoe woningcorporaties, netbeheerders, leveranciers en de gemeente moeten samenwerken.
  5. Tijdspaan: Transformaties zijn langdurige processen, vaak 15 tot 20 jaar. Geduld en langdurige visie zijn essentieel.

De Rol van de Woningcorporaties in de Praktijk

De woningcorporaties fungeren als uitvoerders van de gemeentelijke visie. Ze zorgen voor de fysieke realisatie van woningen en infrastructuur. In het geval van het Spoorzone-project werkt Woonbron samen met Pieter van Foreest om zorgstudio's en sociale huurwoningen te realiseren. Dit zorgt voor een gevarieerde mix van bewoners en functies.

Evenzo spelen ze een cruciale rol bij de implementatie van het warmtenet. Door als partner van de werkgroep deel uit te maken van het proces, zorgen ze voor de directe verbinding met de bewoners. Het succes van het project hangt af van de mate waarin deze verbinding slagt.

Conclusie

De transformatie van Delft, met name op locaties als de Schieoevers en het Spoorzone-terrein, illustreert hoe woningcorporaties, de gemeente, netbeheerders en bewoners samenwerken aan een duurzame toekomst. De strategie omvat niet alleen het bouwen van nieuwe woningen, zoals de 67 sociale huurappartementen en 118 zorgstudio's in Nieuw Delft, maar ook de ingrijpende veranderingen op het gebied van energie, zoals het implementeren van een warmtenet in de wijken Voorhof en Buitenhof.

Lessen uit andere Nederlandse steden als Schiedam, Den Haag en Eindhoven tonen aan dat succesvolle transformatie langdurig is (15-20 jaar), een sterke functionele mix vereist en intensieve participatie van de bevolking nodig heeft. De Delftse woningcorporaties, onder leiding van organisaties als DUWO, Stedelink, Vidomes en Woonbron, zijn de sleutels tot deze realisatie. Door de 'HighTech Capital'-visie te verbinden met concrete bouwprojecten en duurzame energieoplossingen, zetten ze een belangrijke bijdrage aan de ontwikkeling van de stad en de regio.

Het succes van deze transformatie ligt niet alleen in de technische specificaties of de bouwvolumes, maar in het vermogen om de samenhang tussen verschillende functies te begrijpen en te faciliteren. De samenwerking tussen alle betrokken partijen – van de gemeentelijke visie tot de bewonersparticipatie – vormt de ruggengraat van dit proces. Door deze strategie te volgen, kunnen Delftse woningcorporaties zorgen voor een leefbare, duurzame en economisch sterke stad.

Bronnen

  1. Drie Nederlandse praktijklessen voor de transformatie van de Delftse Schieoevers
  2. Participatie warmtenet Delft
  3. Spoorzone Nieuwdelft Project
  4. Netverder Projecten

Related Posts