De Zienswijze van de Aw: Procedure, Toetsingscriteria en Sancties bij (Her)benoeming Bestuurders

De governance van woningcorporaties in Nederland ondergaat een rigoureus toezichtmechanisme dat is ontworpen om de integriteit en de professionele kwaliteit van het bestuur te waarborgen. Kern van dit mechanisme is de vereiste positieve zienswijze van de Autoriteit Woningcorporaties (de Aw) voor elke benoeming en herbenoeming van een bestuurder of commissaris. Deze procedure is geen formaliteit, maar een kritiek keerpunt in de bedrijfsvoering van de corporatie. Een benoeming zonder deze zienswijze, of juist met een negatieve uitspraak, wordt juridisch gekwalificeerd als onrechtmatig. Dit artikel duikt diep in de procedures, de eisen voor geschiktheid en betrouwbaarheid, en de consequenties van het niet naleven van deze regels.

De wetenschappelijke en juridische basis voor dit toezicht is verankerd in de Woningwet. Per 1 januari 2022 zijn er wijzigingen doorgevoerd die de rol van de Algemene Vergadering hebben beperkt; de mogelijkheid om een advies over de benoeming te geven is gevallen. Nu ligt de verantwoordelijkheid volledig bij de Raad van Commissarissen (RvC) en de Autoriteit Woningcorporaties. De RvC benoemt bestuurders, maar alleen na ontvangst van een positieve zienswijze. De Aw fungeert als het centrale filter dat de geschiktheid en betrouwbaarheid van kandidaten objectief beoordeelt. Dit proces beschermt niet alleen de corporatie, maar ook de huurgerechtigden en de publieke belangen die de sector vertegenwoordigt.

Het proces begint bij de woningcorporatie, die een formele aanvraag moet indienen. Deze aanvraag is verplicht voor elke voorgenomen benoeming of herbenoeming van een bestuurder. Het verzoek wordt gedaan middels een specifiek formulier: het "Aanvraag zienswijze geschiktheid en betrouwbaarheid". Dit formulier moet worden ondertekend door de (vice)voorzitter van de Raad van Commissarissen. Deze handtekening impliceert dat de RvC de verantwoordelijkheid neemt voor de inhoud van de ingediende gegevens. Het is cruciaal dat de RvC de geschiktheid van de kandidaat in het formulier onderbouwt met bewijsmateriaal omtrent kennis, ervaring en competenties. Een lobbiedeling van de RvC zonder deze onderbouwing kan leiden tot een afwijzing.

Het tijdschema van de procedure is strikt vastgesteld om zekerheid te bieden aan de corporaties. Binnen een week na het indienen van de aanvraag ontvangt de RvC een bevestiging van de Aw dat de aanvraag volledig is en het toetsingsproces van start is gegaan. De totale doorlooptijd voor het verkrijgen van de uiteindelijke zienswijze bedraagt normaal gesproken vier weken. De Autoriteit heeft echter de bevoegdheid om deze termijn, na schriftelijke kennisgeving, eenmalig met maximaal vier weken te verlengen als nader onderzoek nodig is. Deze verlenging vindt meestal plaats als de Aw aanvullende informatie vereist heeft of als er twijfel ontstaat over de betrouwbaarheid van de kandidaat.

Binnen dit proces spelen verschillende aanvraagprocedures een rol, afhankelijk van de aard van de benoeming. Er wordt onderscheid gemaakt tussen een reguliere aanvraag voor een eerste benoeming en een verkorte procedure voor herbenoemingen. Bij een reguliere aanvraag voor een bestuurder, de voorzitter van de RvC of een eerste benoeming van een commissaris, vindt er een volledige toetsing plaats. Deze omvat een grondige analyse van de kandidaat. Bij een herbenoeming van een commissaris bij dezelfde woningcorporatie is een verkorte toetsing mogelijk. Omdat de Aw eerder al een positief oordeel heeft geveld over de geschiktheid en betrouwbaarheid van deze kandidaat, is er minder informatie vereist. In het aanvraagformulier voor deze situatie staan minder vragen dan bij de reguliere procedure, wat het proces versnelt zonder de kern van de veiligheid van het toezicht in gevaar te brengen.

De grondslagen waarlangs de Aw de geschiktheid en betrouwbaarheid toetst zijn uitwisselbaar en gedetailleerd gedefinieerd. De Aw beoordeelt aan de hand van drie hoofdcriteria: geschiktheid, betrouwbaarheid en passendheid. Geschiktheid draait om de kennis, ervaring en competenties die nodig zijn om de functie van bestuurder effectief uit te kunnen oefenen. De RvC moet in het aanvraagformulier concreet aangeven waarom de kandidaat beschikt over deze eigenschappen. Betrouwbaarheid gaat over de morele integriteit van de kandidaat. Hierbij wordt een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aangevraagd en een check gedaan bij de Belastingdienst. Passendheid kijkt naar de verenigbaarheid van (neven)functies van de kandidaat met de functie bij de woningcorporatie. Een kandidaat kan bijvoorbeeld niet te veel nevenfuncties hebben die leiden tot een belangenconflict of tijdsgebrek.

De procedure bevat ook een belangrijke bescherming voor de kandidaat zelf. De Aw legt een concept-negatieve zienswijze altijd eerst aan de kandidaat voor. Dit biedt de kandidaat de gelegenheid om feitelijke onjuistheden te corrigeren. Dit is een essentieel element van de rechtszekerheid en het recht op hoor en wederhoor. Op basis van deze concept-negatieve zienswijze kan de kandidaat besluiten zich terug te trekken. Als de kandidaat de onjuistheden niet kan rechtvaardigen, volgt een definitieve negatieve zienswijze. Een benoeming na een negatieve zienswijze is juridisch niet mogelijk. Dit betekent dat de RvC de kandidaat niet mag benoemen en dat een benoeming zonder de vereiste zienswijze onrechtmatig is.

De Aw beschikt over een compleet sanctie-instrumentarium voor het handhaven van deze regels. Als een woningcorporatie een bestuurder benoemt zonder zienswijze of ondanks een negatieve zienswijze, kan de Aw sancties opleggen. Ook kan een onjuist of onvolledig ingevuld betrouwbaarheidsformulier leiden tot een negatieve zienswijze. In ernstige gevallen kan het onjuist invullen leiden tot een toezichtantecedent. Dit antecedent komt in de administratie van de Aw en kan van invloed zijn op het doorlopend toezicht van de toezichthouder van de corporatie. Daarom is het cruciaal dat alle relevante feiten en omstandigheden gemeld worden, ook al denkt men dat de Aw deze feiten al kent, of men twijfelt aan de relevantie. Openheid is de enige weg naar een positief oordeel.

Voor de kandidaten zelf is het belangrijk om de vereiste documentatie goed voor te bereiden. De aanvraag kan worden ingediend via het webportaal "MijnILT", waar gegevens kunnen worden bijgehouden. Inloggen vereist eHerkenning. Als een kandidaat geen eHerkenning heeft, kan de aanvraag worden gedaan via het standaardformulier. De Aw vraagt om diverse documenten die als PDF-bestanden moeten worden toegevoegd aan de aanvraag. Een van de meest cruciale documenten is de VOG. Bij een "zienswijze onder voorwaarden" is het mogelijk om de VOG later in te leveren, maar voor een reguliere aanvraag moet deze direct worden overgelegd. Dit onderscheid biedt flexibiliteit in spoedsituaties, maar de Aw adviseert om een zienswijze onder voorwaarden vooraf te bespreken met de toezichthouder.

Er zijn specifieke situaties waarin de procedure van de Aw verschilt. Bij een zienswijze onder voorwaarden (bijvoorbeeld bij een spoedgeval of vacature die niet direct kan worden ingevuld) gelden dezelfde stappen en documenten, met als uitzondering dat de VOG later mag worden ingediend. Dit is een praktijkgerichte aanpassing die de continuïteit van de bedrijfsvoering van de corporatie waarborgt zonder het toezicht te omzeilen. De Aw benadrukt dat een benoeming zonder deze procedures onrechtmatig is en dat de Aw hierbij gebruik kan maken van haar sanctie-instrumentarium.

De RvC speelt een centrale rol in het hele proces. Zij moeten de kennis, ervaring en competenties van de kandidaat onderbouwen in het formulier. Als de verantwoording volledig en overtuigend is, leidt dit tot een positieve zienswijze. Is de informatie onvolledig, of geeft de motivering onvoldoende inzicht, of resteren er vragen? Dan voert de Aw verder onderzoek uit. Zij neemt hiervoor contact op met de voorzitter van de RvC. Als dat noodzakelijk is, volgt nog een gesprek met de kandidaat zelf. Dit gesprek is een vast onderdeel van de toetsing en dient om de integriteit en de geschiktheid van de kandidaat persoonlijker te verifiëren.

De wetgeving rondom dit proces is geëvolueerd. De wijziging van de Woningwet per 1 januari 2022 heeft de procedure vereenvoudigd en de rol van de Algemene Vergadering beperkt. Vóór deze wijziging had de Algemene Vergadering de mogelijkheid om een advies uit te brengen over de te benoemen bestuurder. Na de wijziging is deze rol verdwenen. De verantwoordelijkheid ligt volledig bij de RvC en de Aw. De Aw baseert haar oordeel op beleidsregels die gelden naast de bepalingen van de Woningwet en de onderliggende regelgeving. Dit betekent dat de Aw niet alleen kijkt naar de wet, maar ook naar de interne beleidsregels die zijn uitgegeven door de autoriteit zelf.

Het proces omvat ook een aspect van transparantie en rechtsmiddelen. Tegen een zienswijze kan door een belanghebbende een bezwaar worden ingediend. Dit geschiedt door het indienen van een bezwaarschrift. Daarnaast is het mogelijk beroep aan te tekenen op de uitspraak. Deze rechtsmiddelen zorgen voor een checks-and-balances systeem binnen het toezicht. De Aw adviseert echter om bij een zienswijze onder voorwaarden vooraf contact op te nemen met de toezichthouder. Als een kandidaat niet weet wie de toezichthouder is, kan men contact opnemen met de Aw via een vragenformulier of bellen op 088 - 489 00 00 (op werkdagen tussen 8.30 en 17.00 uur).

De structuur van de toetsing is ook afhankelijk van de aard van de benoeming. Voor een reguliere benoeming van een bestuurder, een herbenoeming van een voorzitter RvC of een eerste benoeming van een commissaris, geldt de volledige procedure. Bij een herbenoeming van een commissaris bij dezelfde corporatie geldt de verkorte procedure. Dit komt doordat de Aw eerder al heeft geoordeeld over de geschiktheid en betrouwbaarheid van de kandidaat. In deze situatie is de vraagstelling in het formulier beperkter, maar de kern van de beoordeling blijft hetzelfde. De Aw kijkt in beide gevallen of de kandidaat voldoet aan de eisen van geschiktheid en betrouwbaarheid.

Een positieve zienswijze geeft de RvC de bevoegdheid om de betrokkene te benoemen als bestuurder voor maximaal vier jaar. Een negatieve zienswijze betekent dat deze benoeming niet kan plaatsvinden. De Aw kan in ernstige gevallen een toezichtantecedent opnemen in het dossier van de kandidaat. Dit antecedent wordt betrokken bij het doorlopende toezicht van de toezichthouder. Het is dus essentieel dat alle relevante feiten worden gemeld, zelfs als men denkt dat de Aw deze al kent. Verberging van informatie kan leiden tot een negatief oordeel en mogelijk sancties.

De Aw heeft een specifiek formulier voor het aanvragen van een zienswijze. Dit formulier moet worden ondertekend door de (vice)voorzitter van de RvC. De RvC moet in het formulier onderbouwen waarom de kandidaat de juiste kennis, ervaring en competenties heeft. Het incorrect of onvolledig invullen van het formulier kan leiden tot een negatieve zienswijze. De Aw controleert of de kandidaat voldoet aan de eisen van de wet en de beleidsregels. De toetsing omvat ook een onderzoek naar de verenigbaarheid van nevenfuncties. Een kandidaat die te veel nevenfuncties heeft, kan worden afgekeurd als er sprake is van een belangenconflict.

De Aw kan bij een (her)benoeming zonder zienswijze of bij een negatieve zienswijze gebruik maken van haar sanctie-instrumentarium. Dit betekent dat de RvC niet mag benoemen zonder deze goedkeuring. Een benoeming zonder zienswijze is onrechtmatig. De Aw kan ook een toezichtantecedent opnemen bij ernstige schendingen. Dit kan gevolgen hebben voor het doorlopende toezicht van de corporatie. De Aw legt een concept-negatieve zienswijze altijd eerst voor aan de kandidaat om feitelijke onjuistheden te corrigeren. De kandidaat kan zich terugtrekken na het zien van deze conceptzienswijze.

Vergelijking van Toetsingsprocedures

De procedures variëren afhankelijk van de aard van de benoeming. De volgende tabel geeft een overzicht van de verschillen tussen de reguliere en de verkorte procedure:

Kenmerk Reguliere Toetsing (Eerste Benaming / Bestuurder) Verkorte Toetsing (Herbenoeming Commissaris)
Aanleiding Eerste benoeming bestuurder, voorzitter RvC, of eerste benoeming commissaris Herbenoeming commissaris bij dezelfde corporatie
Omvang Onderzoek Volledige toetsing op geschiktheid en betrouwbaarheid Verkorte toetsing, minder vragen in formulier
Bijlage VOG Verplicht inleveren bij de aanvraag Kan later worden ingeleverd bij zienswijze onder voorwaarden
Documentatie Volledige onderbouwing kennis/ervaring/competenties Gebruikmakend van eerdere oordelen van de Aw
Contact Aw Mogelijkheid tot gesprek met kandidaat Minder kans op gesprek vanwege eerdere positieve uitspraak

Gedetailleerde Beschouwing van de Grondslagen

De Aw beoordeelt de kandidaat aan de hand van specifieke grondslagen die in de Woningwet zijn opgenomen. Deze grondslagen zijn niet willekeurig, maar volgen een logische structuur die de veiligheid en kwaliteit van de governance garandeert. De drie hoofdcriteria zijn geschiktheid, betrouwbaarheid en passendheid.

Geschiktheid is de eerstvolgende grondslag. Dit criterium kijkt naar de harde vaardigheden: kennis, ervaring en competenties. De RvC moet in het aanvraagformulier concreet aangeven waarom de kandidaat over deze eigenschappen beschikt. Het formulier dient als het platform waar de RvC de kandidaat aanbeveelt. Een lobbiedeling van de RvC zonder deze onderbouwing kan leiden tot een afwijzing. De Aw toetst of de RvC voldoende argumenten heeft geleverd.

Betrouwbaarheid is het tweede criterium. Dit gaat over de morele integriteit van de kandidaat. Voor dit onderdeel wordt een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aangevraagd en een check gedaan bij de Belastingdienst. Een VOG is een document dat aantoont dat de kandidaat geen strafbaar gedrag heeft vertoond. De Aw controleert dit om te garanderen dat de kandidaat geen risico vormt voor de corporatie. Ook wordt er een check gedaan bij de Belastingdienst om zeker te weten dat er geen financiële schulden of andere problemen zijn.

Passendheid is het derde criterium. Dit kijkt naar de verenigbaarheid van de nevenfuncties van de kandidaat met de functie bij de woningcorporatie. Een kandidaat kan bijvoorbeeld niet te veel nevenfuncties hebben die leiden tot een belangenconflict of tijdsgebrek. De Aw beoordeelt of de kandidaat in staat is om de functie effectief uit te oefenen zonder dat er sprake is van conflicterende belangen. Een te groot aantal nevenfuncties kan leiden tot een afwijzing.

Sancties en Gevolgen van Onrechtmatige Benoeming

De wetgeving voorziet in een strikt kader voor de gevolgen van het niet naleven van de procedure. Een benoeming zonder zienswijze of bij negatieve zienswijze is onrechtmatig. De Aw kan bij een (her)benoeming zonder zienswijze of bij negatieve zienswijze gebruik maken van haar sanctie-instrumentarium. Dit betekent dat de RvC niet mag benoemen zonder deze goedkeuring. De Aw kan een toezichtantecedent opnemen bij ernstige schendingen. Dit antecedent komt in de administratie van de Aw en kan van invloed zijn op het doorlopend toezicht van de toezichthouder van de corporatie.

Deze sancties zijn essentieel voor het behoud van de integriteit van de sector. Een negatieve zienswijze betekent dat de RvC de kandidaat niet mag benoemen. De Aw kan ook een toezichtantecedent opnemen bij ernstige schendingen. Dit kan gevolgen hebben voor het doorlopende toezicht van de corporatie. De Aw legt een concept-negatieve zienswijze altijd eerst voor aan de kandidaat om feitelijke onjuistheden te corrigeren. De kandidaat kan zich terugtrekken na het zien van deze conceptzienswijze.

Het Rol van de RvC en de Kandidaat

De RvC speelt een centrale rol in het hele proces. Zij moeten de kennis, ervaring en competenties van de kandidaat onderbouwen in het formulier. Als de verantwoording volledig en overtuigend is, leidt dit tot een positieve zienswijze. De RvC moet ook contact opnemen met de Aw als er vragen zijn. De Aw neemt contact op met de voorzitter RvC als er verder onderzoek nodig is. Zo nodig volgt nog een gesprek met de kandidaat. Dit gesprek is een vast onderdeel van de toetsing en dient om de integriteit en de geschiktheid van de kandidaat persoonlijker te verifiëren.

De kandidaat zelf moet meewerken aan het proces. Hij of zij moet het betrouwbaarheidsformulier ondertekenen. Door dit formulier te ondertekenen stemt de kandidaat in met de aanvraag van de zienswijze. De kandidaat moet ook een VOG aanleveren, tenzij het gaat om een zienswijze onder voorwaarden. In dat geval mag de VOG later worden ingeleverd. Het is belangrijk dat de kandidaat alle relevante feiten meldt. Ook als men denkt dat de Aw deze al kent, of als men twijfelt aan de relevantie. Openheid is de sleutel tot succes.

Tijdschema en Procedure

Het tijdschema van de procedure is strikt vastgesteld om zekerheid te bieden aan de corporaties. Binnen een week na het indienen van de aanvraag ontvangt de RvC een bevestiging van de Aw dat de aanvraag volledig is en het toetsingsproces van start is gegaan. De totale doorlooptijd voor het verkrijgen van de uiteindelijke zienswijze bedraagt normaal gesproken vier weken. De Autoriteit heeft echter de bevoegdheid om deze termijn, na schriftelijke kennisgeving, eenmalig met maximaal vier weken te verlengen als nader onderzoek nodig is. Deze verlenging vindt meestal plaats als de Aw aanvullende informatie vereist heeft of als er twijfel ontstaat over de betrouwbaarheid van de kandidaat.

De procedure begint bij de woningcorporatie, die een formele aanvraag moet indienen. Deze aanvraag is verplicht voor elke voorgenomen benoeming of herbenoeming van een bestuurder. Het verzoek wordt gedaan middels een specifiek formulier: het "Aanvraag zienswijze geschiktheid en betrouwbaarheid". Dit formulier moet worden ondertekend door de (vice)voorzitter van de Raad van Commissarissen. Deze handtekening impliceert dat de RvC de verantwoordelijkheid neemt voor de inhoud van de ingediende gegevens.

De Aw beoordeelt de geschiktheid en betrouwbaarheid van de kandidaat aan de hand van de informatie die de RvC bij de aanvraag levert via verschillende documenten. Is de verantwoording volledig en overtuigend dan leidt dit tot een positief oordeel. De kandidaat ontvangt dan een positieve zienswijze. Is de aangeleverde informatie onvolledig of geeft de motivering onvoldoende inzicht of resteren andere vragen? Dan doet de Aw verder onderzoek. Zij neemt hiervoor contact op met de voorzitter RvC. Zo nodig volgt nog een gesprek met u.

De Aw adviseert om de aanvraag van een zienswijze onder voorwaarden vooraf te bespreken met uw toezichthouder. Wilt u weten wie de toezichthouder is van uw woningcorporatie? Neem contact op met de Aw via het vragenformulier. U kunt op werkdagen tussen 8.30 en 17.00 uur ook bellen naar 088 - 489 00 00.

Conclusie

De procedure voor het aanvragen van een zienswijze bij de Autoriteit Woningcorporaties is een essentieel onderdeel van de governance van de Nederlandse woningcorporaties. Het proces garandeert dat bestuurders en commissarissen voldoen aan hoge eisen van geschiktheid en betrouwbaarheid. De wetgeving vereist een positieve zienswijze voor elke benoeming. Een benoeming zonder deze zienswijze is onrechtmatig en kan leiden tot sancties van de Aw. De RvC speelt een sleutelrol door de kandidaat te onderbouwen in het aanvraagformulier. De Aw voert een grondige toetsing uit op kennis, ervaring, competenties, morele integriteit en verenigbaarheid van functies. Dit systeem beschermt de belangen van de huurders en de publieke orde. Openheid en volledige informatieverstrekking zijn cruciaal voor een succesvolle uitkomst. De Aw biedt ook bescherming aan de kandidaat door een concept-negatieve zienswijze voor te leggen, waardoor onjuistheden kunnen worden gecorrigeerd. Dit proces is een fundamentele pijler van het toezicht op de woningcorporatiesector.

Bronnen

  1. Melding voorgenomen benoeming bij de Autoriteit Woningcorporaties
  2. Toets geschiktheid en betrouwbaarheid voorafgaand aan herbenoeming
  3. Goedkeuringen, zienswijzen en ontheffingen
  4. Informatie voor kandidaten
  5. Geschiktheids- en betrouwbaarheidstoets

Related Posts