Inleiding
In de regio Noordwest-Friesland, die deel uitmaakt van de gemeenten Leeuwarden, Noardeast-Fryslân en Waadhoeke, is de woningbouwsector een belangrijk onderdeel van het lokale stads- en dorpsleven. WonennwF, een lokale huurwoningcorporatie, beheert bijna 4000 huurwoningen in 39 dorpen. Voor huurders in deze regio is het begrijpen van de huurverhogingsregels cruciaal om te weten wat te verwachten en wat hun rechten zijn. Deze artikkel biedt een overzicht van de regels voor huurverhogingen in 2026, met een focus op sociale huurwoningen, vrijesectorwoningen, kamerhuur en woonwagenstandplaatsen.
Huurverhoging in 2026: Overzicht per woningtype
Sociale huurwoningen
Voor huurders in sociale huurwoningen is de maximale huurverhoging in 2026 vastgelegd. De huurverhoging is afhankelijk van het inkomen van het huishouden en de grootte ervan. Voor huishoudens van één persoon is de maximale huurverhoging in 2026 bepaald op basis van het inkomen van 2024. Voor huishoudens van twee of meer personen geldt het inkomen van 2023. De verhoging mag niet hoger zijn dan € 50 of € 100, afhankelijk van het inkomen en de woningtype. Deze regels zijn vastgelegd in de wetgeving die het maximale percentage en de inkomensgrenzen bepaalt.
De huurverhoging voor sociale huurwoningen in 2026 is in principe gelinkt aan de loonontwikkelingen. Concreet is de maximale huurverhoging voor deze woningtype in 2026 6,1%. Dit percentage is afgeleid van de cao-loonontwikkeling in de periode december 2024 tot december 2025 (5,1%) plus 1 procentpunt. Daarnaast geldt voor deze woningtype ook een maximale kale huurprijs die afhankelijk is van het puntenaantal van de woning.
Vrije sectorwoningen
Voor huurders van woningen in de vrije sector is sinds 1 mei 2021 ook een wettelijke beperking op de huurverhoging in werking. In 2026 mag de huurverhoging voor deze woningtype niet hoger zijn dan 4,4%. Dit percentage geldt tot 1 mei 2029. Huurders zijn niet verplicht om mee te gaan met de verhoging als deze hoger is dan het wettelijk maximum. Daarnaast is het verboden voor verhuurders om een nieuw huurcontract aan te bieden met een hogere huurprijs of om de huur te verhogen zonder het wettelijk maximum te respecteren.
Het is belangrijk om te weten dat de huurverhoging voor vrije sectorwoningen moet zijn afgesproken in het huurcontract. Huurders moeten dit contract goed lezen om te zien hoe de verhoging precies wordt bepaald. Bovendien is het mogelijk om via de Huurcommissie of de gemeente te klagen als men niet akkoord gaat met de verhoging.
Kamerhuur, woonwagens en woonwagenstandplaatsen
Voor huurders van kamerhuur of woonwagenstandplaatsen is de maximale huurverhoging in 2026 beperkt tot 4,1%. Dit percentage is lager dan de toegestane verhoging voor vrije sectorwoningen. Huurders van woonwagens zelf mogen ook met dit percentage verhoogd worden. De verhoging mag in elk geval niet hoger zijn dan deze percentages en moet opnieuw per jaar worden afgesproken.
Ligplaatsen voor woonboten
Ligplaatsen voor woonboten zijn sinds 1 juli 2024 onderdeel van de huurverhogingsregels. Er is echter geen wettelijk maximumprijs voor ligplaatsen, maar wel geldt een maximum huurverhogingspercentage. Voor deze categorie is er geen puntenstelsel, zoals wel het geval is bij sociale huurwoningen. Hierbij geldt dat huurders niet verplicht zijn om mee te gaan met een verhoging boven het wettelijk maximum.
Inkomen en huurverhoging: Wat telt?
Bij het bepalen van de huurverhoging voor sociale huurwoningen is het inkomen van het huishouden een belangrijke factor. De verhoging hangt af van het gezamenlijke inkomen van het huishouden. Voor huishoudens van één persoon geldt het inkomen uit 2024. Voor meerpersoonshuishoudens geldt het inkomen uit 2023. Binnen dit inkomen telt alleen het inkomen van inwonende kinderen dat boven € 26.819 uitkomt mee. Voor inwonende kinderen jonger dan 23 jaar in 2026 is er een aftrek van € 26.819, maar de uitkomst mag niet lager zijn dan € 0.
Inkomensgrenzen en huurverhoging
De maximale huurverhoging hangt af van het inkomen van het huishouden:
- Lager middeninkomen: De huurverhoging is niet beperkt, maar hangt af van het puntenaantal en eventueel afgesproken huurverhogingspercentage in het contract.
- Hoger middeninkomen: Voor huishoudens met een inkomen tussen € 59.504 en € 70.149 (voor 1 persoon) of € 68.858 en € 93.531 (voor 2 of meer personen) is de maximale verhoging € 50.
- Hoog inkomen: Voor huishoudens met een inkomen van € 70.149 of hoger (voor 1 persoon) of € 93.531 of hoger (voor 2 of meer personen) is de maximale verhoging € 100.
Het is belangrijk om te weten dat deze inkomensgrenzen voor 2026 gelden en eventueel jaarlijks kunnen worden aangepast.
Huurverhogingspercentage per jaar
De maximale huurverhoging per jaar varieert afhankelijk van het woningtype. Voor 2026 zijn de percentages als volgt:
| Jaar | Maximale huurverhoging |
|---|---|
| 2026 | 6,1% (sociale huur), 4,4% (vrije sector), 4,1% (kamer, woonwagen, standplaats) |
| 2025 | 5,0% (vrije sector), 5,8% (sociale huur) |
| 2024 | 5,8% (sociale huur), 3,1% (vrije sector) |
| 2023 | 3,1% |
| 2022 | 2,3% |
| 2021 | 0,0% |
| 2020 | 4,1% |
Deze percentages geven een duidelijk overzicht van hoe de huurverhoging in de jaren voordat het wettelijk maximum in werking trad is verlopen. Het laat ook zien dat de huurverhoging in 2026 hoger is dan in voorgaande jaren, vooral voor sociale huurwoningen.
Berekening van de huurverhoging
Voor huurders die de verhoging willen berekenen, is er een rekenhulp beschikbaar via het CBS. Deze rekenhulp is gebaseerd op de consumentenprijsindex (CPI). Het is belangrijk om eerst te controleren of het huurcontract een clausule bevat die de huur verhoogt op basis van de CPI. Als dit het geval is, kan de huurverhoging op basis van de CPI worden berekend. Als het percentage dat uit de rekenhulp komt hoger is dan het wettelijk maximum, geldt het wettelijk maximum.
De volgende stappen zijn van toepassing bij het gebruik van de CBS-rekenhulp:
- Controleer of het huurcontract een CPI-indexering bevat.
- Bepaal of het maandindexcijfer of het jaargemiddelde moet worden gebruikt.
- Vul de gegevens in de rekenhulp in.
- Controleer of het percentage dat uit de rekenhulp komt niet hoger is dan het wettelijk maximum.
- Gebruik het wettelijk maximum als het percentage hoger is.
Het is belangrijk om rekening te houden met eventuele aanvullende regels voor huurverhogingen, zoals de inkomensgrenzen of het puntenaantal van de woning. In sommige gevallen kan de huurverhoging ook beperkt worden door de maximale kale huurprijs die is vastgelegd.
Rechten en plichten van huurders
Huurders hebben rechten en plichten wanneer het gaat om huurverhogingen. Deze rechten en plichten zijn vastgelegd in de wetgeving en in het huurcontract. De belangrijkste rechten van huurders zijn:
- Het recht om de huur niet hoger te betalen dan het wettelijk maximum.
- Het recht om niet te worden gedwongen tot een nieuw huurcontract met een hogere huurprijs.
- Het recht om de Huurcommissie of de gemeente in te schakelen als men niet akkoord gaat met de verhoging.
De belangrijkste plichten van huurders zijn:
- Het lezen en begrijpen van het huurcontract.
- Het betalen van de huur zoals afgesproken.
- Het respecteren van de huurverhogingsregels.
Het is belangrijk om deze rechten en plichten te begrijpen om te weten wat te verwachten en hoe te reageren in het geval van onenigheid met de verhuurder.
Praktische tips voor huurders
Voor huurders die willen weten hoe ze om kunnen gaan met een huurverhoging zijn er een aantal praktische tips:
- Lees het huurcontract zorgvuldig. Dit is het eerste en belangrijkste stuk van informatie.
- Controleer of de huurverhoging op basis van CPI of op basis van een vast percentage wordt berekend.
- Bereken de verhoging met de CBS-rekenhulp of met een andere berekening.
- Controleer of de verhoging niet hoger is dan het wettelijk maximum.
- Neem contact op met de verhuurder als er onenigheid is.
- Neem contact op met de Huurcommissie of de gemeente als men niet akkoord gaat met de verhoging.
- Bewaar alle documenten en communicatie met de verhuurder.
Door deze tips te volgen, kunnen huurders zich beter richten op wat te verwachten en hoe te reageren in het geval van onenigheid.
Conclusie
In 2026 gelden duidelijke regels voor huurverhogingen in Noordwest-Friesland. Deze regels verschillen per woningtype en per huishoudensinkomen. Voor sociale huurwoningen is de maximale verhoging 6,1%, voor vrije sectorwoningen 4,4%, en voor kamerhuur of woonwagenstandplaatsen 4,1%. De verhoging is afhankelijk van het inkomen van het huishouden en eventueel het puntenaantal van de woning. Het is belangrijk om deze regels te begrijpen om te weten wat te verwachten en hoe te reageren in het geval van onenigheid. Huurders hebben rechten en plichten die moeten worden gerespecteerd. Door het huurcontract zorgvuldig te lezen en de huurverhogingsregels te begrijpen, kunnen huurders zich beter richten op wat te verwachten in 2026.
