Belastingdienst moet schadevergoeding betalen aan huurders na onwettige huurverhogingen

Inleiding

In de periode van 1 maart 2013 tot 1 april 2016 verstrekte de Belastingdienst inkomensgegevens van huurders aan verhuurders, terwijl er geen wettelijke basis voor deze actie was. Deze onwettige gegevensuitwisseling leidde tot het toepassen van inkomensafhankelijke huurverhogingen, die voor sommige huurders financiële schade veroorzaakten. In meerdere rechtszaken is omslaggevend beslist dat de Belastingdienst hierdoor haar geheimhoudingsplicht heeft overtreden. Huurders die in deze periode extra huurverhogingen moesten betalen, hebben nu recht op een schadevergoeding van de Belastingdienst.

De Woonbond speelt een centrale rol in het verdedigen van huurdersrechten. Ze hebben een modelbrief en een rekentool ontwikkeld om huurders te ondersteunen bij het indienen van schadeclaims. Hoewel de Belastingdienst heeft aangegeven geen schade te willen vergoeden tot er een hoger beroep is behandeld, blijft het verstandig om een claim in te dienen. De rechtszaken en juridische procedures gaan verder, en het is belangrijk voor huurders om op de hoogte te blijven van de ontwikkelingen.

In deze artikel wordt ingegaan op de achtergrond van de zaak, de juridische ontwikkelingen, de schadeclaims en het praktische proces voor huurders die een vergoeding willen eisen. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de rol van de Woonbond en de huidige staat van de zaak.

De achtergrond van de Gluurverhoging

De term “Gluurverhoging” verwijst naar de huurverhogingen die verhuurders aanbrachten op basis van inkomensgegevens van huurders, die verstrekt werden door de Belastingdienst. Deze verhogingen werden vanaf 2013 toegepast, maar het was tot april 2016 onwettelijk om deze gegevens door te geven aan verhuurders. De wet verstrekt geen wettelijke basis voor het delen van persoonlijke inkomensgegevens van huurders met derden, tenzij er expliciete toestemming of wettelijke verplichting voor is.

De Belastingdienst heeft, tussen maart 2013 en april 2016, inkomensgegevens van huurders doorgegeven aan verhuurders, zonder dat er een wettelijke basis voor was. Hierdoor kon het huurbedrag van huurders met een beperkt middeninkomen sterk toenemen, op basis van informatie die niet rechtmatig gebruikt mocht worden. De rechtbank heeft in meerdere gevallen bepaald dat deze gegevensuitwisseling onwettelijk was en dat huurders hierdoor financiële schade hebben geleden.

De schadevergoeding die huurders nu kunnen eisen, is gebaseerd op het feit dat zonder het onrechtmatig verstrekken van inkomensgegevens, deze extra huurverhogingen niet zouden zijn opgetreden. Huurders die in de periode 2013 tot en met april 2016 extra huur hebben betaald, kunnen dus aanspraak maken op een vergoeding van de Belastingdienst.

Juridische ontwikkelingen

De juridische procedures rondom de Gluurverhoging zijn essentieel geweest om duidelijkheid te krijgen over de rechten en verplichtingen van betrokken partijen. In 2018 is een rechtszaak beslecht waarin de Belastingdienst verplicht is gesteld om een schadevergoeding te betalen aan een huurder die financiële schade heeft geleden door de onwettige huurverhoging. De rechter stelde daarbij vast dat de Belastingdienst haar geheimhoudingsplicht heeft overtreden en dat de verhuurder hierop heeft gereageerd met een hoger huurbedrag.

De Woonbond heeft een centrale rol gespeeld in deze zaak. Ze hebben het juridisch fonds gebruikt om een huurder bij te staan in de procedure en hebben een modelbrief en een rekentool ontwikkeld voor andere huurders die een schadeclaim willen indienen. Deze tools zijn beschikbaar via de website van de Woonbond en worden aanbevolen voor huurders die in de betreffende periode extra huur hebben betaald.

Er is ook een collectieve rechtszaak geweest tegen de Belastingdienst en verhuurders. Deze zaak is niet ontvankelijk verklaard, wat betekent dat er geen collectieve vergoeding mogelijk is. Echter, individuele schadeclaims zijn wel succesvol geweest, zoals de zaak die in 2018 is beslecht.

Op 8 april 2019 is een hoger beroep van de Belastingdienst ingediend, waarin ze het vonnis van de rechtbank wilde herroepen. Dit betekent dat er nog steeds geen definitieve uitspraak is over de eventuele schadevergoeding. Huurders die een claim indienen, moeten rekening houden met het feit dat de Belastingdienst voorlopig geen schade wil vergoeden tot dit hoger beroep is behandeld.

Het proces voor huurders

Huurders die in de periode 2013 tot en met april 2016 extra huur hebben betaald, kunnen schade verhalen bij de Belastingdienst. Het proces van het indienen van een schadeclaim is vergelijkbaar voor alle betrokken huurders en bestaat uit een aantal stappen.

De eerste stap is het gebruik van de modelbrief en de rekentool van de Woonbond. De modelbrief is ontworpen om huurders te ondersteunen bij het indienen van hun claim en bevat alle juridische argumenten en berekeningen die nodig zijn. De rekentool helpt huurders bij het bepalen van de exacte schade die ze hebben geleden, gebaseerd op het extra huurbedrag dat ze moesten betalen.

De tweede stap is het indienen van de claim bij de Belastingdienst. Huurders kunnen dit doen via de post of via het online portaal van de Belastingdienst. Het is belangrijk om alle benodigde documenten en berekeningen bij de claim te voegen, zoals huurcontracten, betaalbewijzen en de berekening van de schade. De Belastingdienst verwerkt de claim en geeft uiteindelijk een antwoord, waarin wordt aangegeven of de schadevergoeding wordt toegekend.

Het is ook mogelijk om juridische hulp in te huren, bijvoorbeeld via het juridisch fonds van de Woonbond of via een particuliere advocaat. Deze hulp kan vooral nuttig zijn in complexe gevallen of als er juridische tegenspraak is met de Belastingdienst.

Huurders die hun claim indienen, moeten rekening houden met de juridische procedures en de eventuele hoger beroepen. De Belastingdienst heeft aangegeven geen schade te willen vergoeden tot er een uitspraak is geweest in het hoger beroep. Echter, het is verstandig om toch alvast een claim in te dienen, omdat dit een juridische basis creëert voor eventuele verdere acties.

De rol van de Woonbond

De Woonbond speelt een centrale rol in het ondersteunen van huurders bij het indienen van schadeclaims en het juridisch verdedigen van hun rechten. Ze hebben een modelbrief en een rekentool ontwikkeld die beschikbaar zijn via hun website. Deze tools zijn speciaal ontworpen om huurders te helpen bij het berekenen en indienen van hun schadeclaim.

De Woonbond heeft ook een juridisch fonds waarmee ze huurders kunnen bijstaan in rechtszaken. In 2018 heeft de Woonbond een huurder bijgestaan in een rechtszaak tegen de Belastingdienst en de verhuurder, die succesvol is geweest. Deze zaak heeft geleid tot een oordeel dat de Belastingdienst schadevergoeding moet betalen aan huurders die in de betreffende periode extra huur hebben betaald.

Daarnaast heeft de Woonbond een proefprocedure op touw gezet met enkele huurders, waarin hun zaak wordt getoets door een rechter. Deze proefprocedure moet duidelijkheid geven over de eventuele schadevergoeding en heeft als doel om een precedent te scheppen dat ook geldt voor andere huurders.

De Woonbond raadt huurders aan om alle schade die ze tussen juli 2013 en april 2016 hebben geleden terug te vragen. Ze benadrukken dat het niet nodig is om minder te vragen, omdat een juridische interpretatie van de verjaringstermijn mogelijk ervoor kan zorgen dat huurders minder krijgen dan wat ze oorspronkelijk hebben gevraagd. Het is daarom verstandig om een volledige schadeclaim in te dienen, ook als de zaak nog in hoger beroep is.

Huidige staat van de zaak

De huidige staat van de zaak is dat de Belastingdienst nog steeds geen definitieve schadevergoeding wil betalen aan huurders die extra huur hebben betaald in de periode 2013 tot en met april 2016. Het hoger beroep dat op 8 april 2019 is ingediend, is nog in behandeling en moet duidelijkheid geven over de eventuele schadevergoeding.

De Woonbond heeft benadrukt dat het verstandig is om alvast een claim in te dienen, ook al is de Belastingdienst voorlopig niet van plan om schadevergoeding te betalen. Het indienen van een claim creëert een juridische basis die mogelijk nuttig is in het geval dat de uitspraak in het hoger beroep gunstig uitvalt.

De Woonbond houdt huurders op de hoogte van de juridische ontwikkelingen via hun website en communiceert regelmatig over de vooruitgang van de zaak. Huurders die een claim indienen, kunnen hier via de Woonbond op de hoogte blijven van belangrijke informatie en updates.

Conclusie

De zaak rondom de Gluurverhoging is een belangrijk juridisch precedent dat de rechten en verplichtingen van huurders en de Belastingdienst heeft bepaald. De onwettige gegevensuitwisseling tussen de Belastingdienst en verhuurders heeft geleid tot extra huurverhogingen, die voor sommige huurders financiële schade hebben veroorzaakt. De rechtszaken en juridische procedures hebben bepaald dat de Belastingdienst schadevergoeding moet betalen aan huurders die in de betreffende periode extra huur hebben betaald.

Huurders die schade willen verhalen, kunnen gebruikmaken van de modelbrief en rekentool van de Woonbond om hun claim in te dienen. Het is verstandig om alvast een claim in te dienen, ook al is de Belastingdienst voorlopig niet van plan om schadevergoeding te betalen. De Woonbond speelt een centrale rol in het ondersteunen van huurders en de juridische procedures, en houdt hen op de hoogte van de ontwikkelingen.

Het is belangrijk voor huurders om op de hoogte te blijven van de juridische ontwikkelingen en om actief te zijn bij het indienen van schadeclaims. De zaak is nog niet afgerond en het hoger beroep is in behandeling. Huurders die extra huur hebben betaald in de periode 2013 tot en met april 2016, hebben het recht om schadevergoeding te eisen en moeten daar gebruik van maken.

Bronnen

  1. HBV Leiden
  2. HVA Arnhem
  3. Huurders Meerwonen
  4. Woonbond

Related Posts