De woningbouwsector speelt een cruciale rol in het faciliteren van woonvormen die aansluiten bij de behoeften van diverse bevolkingsgroepen, waaronder ouderen en mantelzorgers. In de context van sociale woonvormen en hulpverlening is de kostendelersnorm een van de belangrijkste factoren die bepalen hoe uitkeringen worden berekend. Deze norm kan invloed hebben op woonvormen waarin mantelzorg een rol speelt, zoals bijvoorbeeld wanneer een mantelzorger en de zorgvrager onder één dak wonen. In deze artikel zullen we de kostendelersnorm in detail bespreken, met een focus op hoe deze regeling beïnvloed wordt of beïnvloedt door mantelzorg en woonvormen. Daarbij wordt ook ingegaan op eventuele uitzonderingen en recente juridische en beleidswijzigingen die gericht zijn op meer flexibiliteit voor mantelzorg.
Wat is de kostendelersnorm?
De kostendelersnorm is een regel die van toepassing is op verschillende uitkeringen, waaronder bijstandsuitkeringen, aanvullende inkomensondersteuning ouderen (AIO) en toeslagen. De kern van deze regel is dat het aantal volwassenen in één woning meespelt bij het bepalen van de hoogte van de uitkering. Hoe meer volwassenen in het huishouden wonen, hoe lager de uitkering. Dit gebeurt omdat wordt aangenomen dat woonkosten verdeeld kunnen worden over meerdere personen.
De leeftijdsgrens voor een ‘kostendelende medebewoner’ is een belangrijk aspect van deze norm. Tot 1 januari 2023 lag deze grens op 21 jaar. Sinds dat tijdstip is de leeftijdsgrens verhoogd naar 27 jaar. Dit betekent dat jongeren van 21 tot 27 jaar niet langer als kostendelende medebewoners worden aangemerkt.
De kostendelersnorm geldt niet voor AOW (Aanvullende Ouderenzorg), wat betekent dat ouderen die mantelzorg leveren en bij hun kind wonen, niet worden afgestraft in de hoogte van hun AOW-uitkering. Dit is een belangrijk verschil tussen AOW en andere uitkeringen, zoals AIO, ANW of IOAW.
Kostendelersnorm en mantelzorg
Mantelzorgers zijn vaak in staat om hun mantelzorg te combineren met wonen in hetzelfde huis als de zorgvrager. Dit kan zowel emotioneel als financieel voordelen opleveren. Toch kan de kostendelersnorm hier een complicatie inbrengen, vooral als de mantelzorger of zorgvrager een uitkering ontvangt.
Wanneer geldt de kostendelersnorm?
De kostendelersnorm is van toepassing op de volgende uitkeringen:
- Algemene Nabestaandenwet (ANW)
- Participatiewet (voorheen Wet Werk en Bijstand) bijstandsuitkeringen
- Uitkering oudere werklozen (IOAW, IOW, IOAZ)
- Aanvullende Inkomens Ouderen (AIO-aanvulling)
- Toeslagenwet (voor personen met WW, ZW, WIA, WAO, Wajong, WAZ, Wazo of IOW)
De kostendelersnorm geldt niet voor AOW. Dit maakt een belangrijk verschil, aangezien ouderen die mantelzorg leveren en bij hun kind wonen, hiermee niet worden afgestraft in hun AOW-uitkering.
Kostendelersnorm en woonvormen
Als een mantelzorger en de zorgvrager onder één dak wonen, kan de kostendelersnorm leiden tot een verlaging van de uitkering. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als de mantelzorger een uitkering ontvangt en de zorgvrager (bijvoorbeeld een ouder) een AIO-aanvulling krijgt. De verlaging kan betrekking hebben op zowel het uitkeringsbedrag als toeslagen zoals huur- en zorgtoeslagen.
De logica achter de kostendelersnorm is dat woonkosten gedeeld kunnen worden. Echter, in het geval van mantelzorg kan het deel van die kosten die gerelateerd zijn aan de zorgactiviteiten, niet gedeeld worden. Hiermee is er een kritiek op de kostendelersnorm, namelijk dat deze niet altijd rekening houdt met de feitelijke kostenverdeling in een woonvorm met mantelzorg.
Uitzonderingen op de kostendelersnorm
Er zijn situaties waarin de kostendelersnorm niet van toepassing is of waarin de gemeente een afwijkende berekening kan maken. Deze situaties omvatten:
- Tijdelijk verblijf: Als een persoon tijdelijk bij een ander woont, bijvoorbeeld in een crisissituatie of na een operatie, kan de kostendelersnorm niet van toepassing zijn.
- Opvang, beschermd en begeleid wonen: In dergelijke woonvormen is de kostendelersnorm meestal niet van toepassing, omdat het geen hoofdverblijf is.
- Oneerlijke gevolgen: Als het resultaat van toepassing van de kostendelersnorm leidt tot oneerlijke gevolgen (bijvoorbeeld omdat een medebewoner geen inkomsten heeft en dus geen bijdrage kan leveren), kan de gemeente afwijken van de norm.
- Tijdelijke mantelzorg: Als iemand tijdelijk mantelzorg levert, kan de kostendelersnorm buiten toepassing zijn. Dit is een specifieke uitzondering die gericht is op situaties waarin mantelzorg intensief is.
- Overbrugging tot het starten van een studie: In sommige gevallen kan een kind tijdelijk inwonen bij ouders voor het starten van een studie zonder dat de kostendelersnorm van toepassing is.
Deze uitzonderingen geven aan dat er flexibiliteit kan zijn in de toepassing van de kostendelersnorm, afhankelijk van de situatie. Echter, dit vereist vaak een actieve aanvraag bij de gemeente en een goed onderbouwde motivatie.
Juridische en beleidsveranderingen: Meer ruimte voor mantelzorg
De afgelopen jaren zijn er enkele belangrijke wetswijzigingen geweest die gericht zijn op het vergroten van de ruimte voor mantelzorg binnen de Participatiewet. Deze wijzigingen zijn onderdeel van het wetsvoorstel Participatiewet in Balans, dat in werking treedt per 1 januari 2026. De wijzigingen omvatten vier belangrijke punten:
- Geen gezamenlijke huishouding bij zorgbehoefte: Als de reden van het tijdelijk of permanent samenwonen een zorgbehoefte is, is er geen sprake van een gezamenlijke huishouding. Dit betekent dat uitkeringen niet automatisch worden gedeeld.
- Kostendelersnorm niet van toepassing bij intensieve mantelzorg: Bij tijdelijk wonen in verband met intensieve mantelzorg is de kostendelersnorm niet van toepassing.
- Mantelzorg geen loonwaardbaar werk: Mantelzorg is expliciet genoemd als niet op loon te waarderen arbeid. Dit heeft gevolgen voor bijvoorbeeld de berekening van inkomens en uitkeringen.
- Tijdelijk verblijf bij zorgbehoefte geen reden voor opschorting: Als iemand tijdelijk bij iemand met intensieve zorgbehoefte woont, levert dat geen opschorting van de bijstanduitkering op.
Deze wijzigingen zijn een belangrijke stap in de richting van een beleid dat meer ruimte biedt voor mantelzorg, ongeacht het familieverband. Bovendien zijn deze regels gericht op intensieve zorgbehoefte, wat betekent dat ze vooral van toepassing zijn op situaties waarin mantelzorg een substantieel deel van het dagelijks leven in beslag neemt.
Kostendelersnorm en woningbouw
De woningbouwsector speelt een essentiële rol in het faciliteren van woonvormen die aansluiten bij mantelzorg. In de praktijk kan het betreffen om:
- Samenwoningen: Woningen die speciaal zijn afgestemd op mantelzorg, waarin een mantelzorger en de zorgvrager in een gedeelde woonomgeving wonen.
- Woning met hulpverlening: Woningen waarin hulpverlening is ingebouwd, zoals verpleeghuiswoningen of zorgappartementen.
- Gemeenschappelijke woningen: Woningen waarin meerdere huishoudens met verschillende behoeften wonen, bijvoorbeeld een woning met een appartement voor mantelzorg en een appartement voor de zorgvrager.
In deze woonvormen kan de kostendelersnorm een beperkende factor zijn, vooral als de mantelzorger of zorgvrager een uitkering ontvangt. Echter, de recente wijzigingen in de Participatiewet bieden meer flexibiliteit, waardoor dergelijke woonvormen aantrekkelijker kunnen worden voor mantelzorgers en zorgvragers.
Aanpassing van woningbouw voor mantelzorg
De woningbouwsector kan ook technische aanpassingen maken om mantelzorg te faciliteren. Denk hierbij aan:
- Toegankelijke woonruimte: Woningen die toegankelijk zijn voor mensen met een beperking, zoals zorgvragers.
- Gedeelde of losse functies: Woningen met gedeelde of losse functies, afhankelijk van de mate van autonomie van de zorgvrager.
- Zorginfrastructuur: Woningen met directe toegang tot zorginfrastructuur, zoals verpleegposten of apotheek.
Dergelijke aanpassingen maken het mogelijk om woonvormen te creëren die zowel de zorgvrager als de mantelzorger een geschikte omgeving bieden, terwijl de kostendelersnorm in zoverre mogelijk wordt omzeild.
Conclusie
De kostendelersnorm is een belangrijke regeling binnen het sociale woon- en uitkeringsbeleid, die het inkomen beïnvloedt wanneer meerdere volwassenen in één woning wonen. In de context van mantelzorg kan deze regeling complicaties opleveren, omdat de woonvorm vaak afgestemd is op de behoeften van de zorgvrager en de mantelzorger. Toch zijn er uitzonderingen en recente wetswijzigingen die gericht zijn op het vergroten van de ruimte voor mantelzorg, zoals de aanpassingen in de Participatiewet in Balans.
De woningbouwsector heeft hierin een essentiële rol, door woonvormen te ontwikkelen die zowel flexibel als toegankelijk zijn. Met de juiste aanpassingen en een goed begrip van de juridische regels kan mantelzorg een feitelijk haalbare en voordelige oplossing zijn, zowel voor de zorgvrager als voor de mantelzorger.
