Armoede en woonproblemen door de kostendelersnorm: een kritische analyser

De kostendelersnorm is een wetsregel die in 2015 is ingevoerd met de bedoeling om bijstandsgerechtigden aan te moedigen om samen te wonen en hierdoor kosten te delen. In de praktijk leidt deze norm echter tot tegengestelde effecten: armoede, woningnood en zelfs dakloosheid. Deze regel heeft een significante impact op sociale huishoudens en leidt vaak tot ongewenste maatregelen, zoals het uit huis zetten van jongeren of ouderen. In dit artikel wordt ingegaan op de effecten van de kostendelersnorm, de kritiek hierop en mogelijke oplossingen. De informatie is gebaseerd op verslagen, onderzoeken en uitspraken van betrokken partijen zoals FNV, gemeenten, politieke partijen en onderzoeksinstituten.

Wat is de kostendelersnorm?

De kostendelersnorm is een wetsregel die bepaalt dat bijstandsgerechtigden minder uitkering ontvangen wanneer ze met meerdere volwassenen in één woning wonen. De basisidee achter deze norm is dat mensen die samenwonen, hun huishoudelijke kosten kunnen delen, waardoor de uitkering per persoon lager zou moeten zijn. Vanaf de leeftijd van 21 jaar telt een persoon mee als kostendeler. Hoe meer volwassenen in één huishouden wonen, hoe lager de totale uitkering per persoon.

Een voorbeeld: een bijstandsgezin met vier personen (bijvoorbeeld twee ouders en twee kinderen) ontvangt in totaal een bepaalde uitkering. Als een van de kinderen 21 wordt, telt het als kostendeler. Hierdoor wordt de uitkering voor het gezin gekort, omdat er nu vier volwassenen in het huishouden wonen.

Hoewel de norm is bedoeld om mensen te stimuleren tot samenwonen, blijkt uit onderzoeken dat de financiële voordelen van samenwonen vaak te hoog zijn ingeschat. In veel gevallen leidt de kostendelersnorm tot inkomensachteruitgang, armoede en zelfs dakloosheid. Dit is een van de redenen dat diverse partijen en organisaties de afschaffing van de norm eisen.

De impact op jongeren en ouders

Een van de meest problematische aspecten van de kostendelersnorm is de impact op jongeren die net 21 worden. Zodra ze deze leeftijd bereiken, telt hun aanwezigheid in het ouderlijk huis als kostendeler. Ouders, vooral alleenstaande ouders die op bijstand aangewezen zijn, zien hun uitkering daardoor sterk dalen. Dit heeft vaak tot gevolg dat ze hun kind opnieuw financieel moeten ondersteunen, terwijl hun eigen inkomsten al minimaal zijn.

In veel gevallen leidt dit tot een dilemma: de ouders kunnen of willen hun kind niet langer financieel ondersteunen en zijn gedwongen om het uit huis te zetten. Dit gebeurt vaak zonder dat er een alternatieve woning of onderdak is voor de jongere. Hierdoor ontstaat er woonnood en zelfs dakloosheid. Een onderzoek door Significant APE heeft aangetoond dat er sinds de invoering van de kostendelersnorm een grotere uitstroom is van jongeren uit bijstandsgezinnen op het moment dat zij 21 worden.

De situatie is vooral problematisch voor jongeren die geen eigen inkomsten hebben of slechts weinig verdienen. Zij zien hun uitkering als mantelzorger of uitkering voor een beperking worden gekort, terwijl zij in werkelijkheid financieel afhankelijk zijn van hun ouders of mantelzorgers. In dergelijke gevallen spreekt men ook wel van een "mantelzorgboete".

Armoede en woningnood als gevolg van de norm

De kostendelersnorm draagt bij aan de algehele woningnood in Nederland. Aan de ene kant wordt er geadviseerd om woning te delen als oplossing voor de woonproblematiek, maar aan de andere kant maakt de kostendelersnorm samenwonen vaak niet betaalbaar. Dit leidt tot een paradox: de regel werkt tegen de doelen van de woonbeleidstakers.

Oudere personen die door armoede of een scheiding dakloos zijn geworden, kunnen bijvoorbeeld niet terecht bij familie of vrienden, omdat zij dan ook financieel worden gestraft. Ook zorgbehoevende ouderen die het liefst bij hun kinderen wonen, worden door de norm gedwongen om alleen te wonen, waardoor hun woon- en zorgproblematiek verder verergen.

De impact op armoede is duidelijk. Onderzoek wijst uit dat de woonlasten voor mensen met een uitkering niet meer op te brengen zijn. De kostendelersnorm maakt de situatie erger. Inwoners die al aan de grens van de armoedegrens leven, zien hun uitkering verdere korting ondergaan, waardoor ze geconfronteerd worden met voedselbanken of andere maatschappelijke hulp. De Armoede Alliantie en de Ombudsman hebben beide gewezen op het verband tussen de toegenomen armoede en de kostendelersnorm.

Kritiek en maatwerk door gemeenten

De kostendelersnorm is niet alleen een thema in de media en politiek, maar ook op gemeentelijke niveau. Gemeenten hebben bevoegdheid om in schrijnende gevallen af te wijken van de norm, maar dit gebeurt in de praktijk vrijwel nooit. Een rondvraag door Argos heeft aangetoond dat gemeenten weinig gebruik maken van deze mogelijkheid, waardoor veel inwoners zonder uitzondering worden geplaatst.

De reden dat gemeenten niet vaak afwijken, is de complexiteit van het beleidskader. Kleine gemeenten ontvangen in sommige gevallen financiering op basis van realisaties, waardoor ze indirect worden gecompenseerd voor maatwerk. Grote gemeenten vallen onder het algemene verdeelmodel, waarbij maatwerk minder voordeelig is. Hierdoor is het voor gemeenten vaak niet gunstig om uitzonderingen te maken.

Ondanks de wettelijke mogelijkheid tot maatwerk, blijft de kostendelersnorm een algemene regel. Inwoners die vinden dat de norm onterecht is toegepast, kunnen klachten indienen bij de gemeente. Voor besluiten binnen de Participatiewet zijn gewone rechtsmiddelen beschikbaar, zoals bezwaar en beroep. Er is echter geen centraal klachtenmeldpunt op landelijk niveau, wat de toegang tot rechtsmiddelen voor inwoners beperkt.

Politieke en maatschappelijke beweging

De kostendelersnorm heeft geleid tot een groeiende beweging van politieke partijen, ngo’s en maatschappelijke organisaties die de afschaffing van de norm eisen. In 2021 heeft FNV een petitie gestart om de norm uit de wet te halen. De doelstelling is om 10.000 handtekeningen te verzamelen en deze in te dienen bij het nieuwe kabinet. Tot nu toe zijn er al 7.000 handtekeningen verzameld.

Ook politieke partijen zoals PvdA, GroenLinks, SP en BIJ1 hebben zich aangesloten bij het verzoek om de kostendelersnorm te schrappen. In november 2021 is een manifest gestuurd naar de politiek en pers, waarin de afschaffing van de norm wordt verzoekt. De argumentatie is duidelijk: de norm leidt tot meer armoede, woningnood en dakloosheid en moet daarom worden verwijderd uit de wet.

De regering is niet direct bereid om het beleid te veranderen. Een onderzoek is wel ingesteld om de effecten van de kostendelersnorm te analyseren, maar dat biedt geen directe oplossing voor de problemen die nu al bestaan. Volgens kritici is het vertraging van de afschaffingsproces onaanvaardbaar, omdat de negatieve gevolgen voor inwoners al nu duidelijk zichtbaar zijn.

De rol van politieke partijen en amendementen

De kritiek op de kostendelersnorm is niet beperkt tot linkse partijen. Ook VVD- en CDA-wethouders zijn bezorgd over de gevolgen van de norm. Peter Heijkoop, CDA-wethouder in Dordrecht, benadrukt dat jongeren vaak zonder een alternatieve woning uit huis worden gezet. Hij waarschuwt voor de risico’s van een ongecontroleerde uitstroom en de verdieping van de woningnood.

In 2021 is er een amendement ingediend om budget te reserveren voor de afschaffing van de kostendelersnorm. Het amendement, ingediend door Van Kent, Maatoug en Gijs van Dijk, richt zich op het verhogen van de begroting van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor 2022. Het doel is om kwetsbare groepen te ondersteunen en de negatieve gevolgen van de norm te verminderen. Hoewel het amendement is ingediend, is het niet meteen in de wet opgenomen.

Conclusie

De kostendelersnorm is een wetsregel die in 2015 is ingevoerd met de bedoeling om bijstandsgerechtigden te stimuleren tot samenwonen en kosten te delen. In de praktijk leidt deze norm echter tot tegengestelde effecten: armoede, woningnood en dakloosheid. Het regelsysteem maakt het vaak niet mogelijk om jongeren, ouderen of mantelzorgers te onderhouden, wat leidt tot ongewenste maatregelen en sociale problemen.

De kritiek op de norm komt van diverse kanten, inclusief politieke partijen, maatschappelijke organisaties en onderzoeksinstituten. De afschaffing van de kostendelersnorm is een centraal verzoek in de beweging die momenteel is ontstaan. Tot nu toe is er geen directe wetswijziging, maar er zijn wel initiatieven zoals petitie, manifesten en amendementen onderweg.

Voor inwoners die geconfronteerd worden met de gevolgen van de kostendelersnorm, is het belangrijk om te weten dat er klachtenmogelijkheden zijn. Gemeenten kunnen per geval beoordelen of maatwerk nodig is, maar dit gebeurt in de praktijk vrijwel nooit. De toegang tot rechtsmiddelen is beperkt, en er is geen centraal klachtenmeldpunt op landelijk niveau.

De kostendelersnorm is een wetsregel die opnieuw moet worden bekeken, zowel vanuit een sociaal als economisch perspectief. Totdat er een wijziging in de wet komt, blijft het voor inwoners moeilijk om te wonen in een gezamenlijk huishouden zonder financiële straf.

Bronnen

  1. De daklozenvakbond over de kostendelersnorm
  2. HYA over de kostendelersnorm en woningnood
  3. Petitie tegen de kostendelersnorm
  4. NOS over minder bijstand bij meerderjarige kinderen
  5. Toepassing van de kostendelersnorm en maatwerk
  6. Amendement op afschaffing van de kostendelersnorm

Related Posts